van japan.
gdccrit "'en zamengebfacht worden, ljocï^eer ze-ook- onder-dcn todcrèn vei-iiiengt-%lmj ^ogen zyn. De beste cn meeste worden 1‘‘ vergaart op de kusten van Quano. Sidfi-mi is een kleine dubblet-schulp, dé/h-vmguri niet ongelyk maar dunder, enWord gevonden in'de modder stee kende.Katfi pf Ütfikaki zyn O cfiers. De Oestersdie ontrent Japan worden gevonden zyn
aan el-
K atfi,
mismaakt, ruuw
stcenachtig,
kander en aan de klippen groeyende; -,Daar zyn voornamentlyk twee soorten, jde eene merkelyk groot, de andere klein- jder. De beste en grootste worden inKifj g r °ote menigte gevonden in deBaay van-Kanmhtra. Kijct oi Akagai is ook eentwee-schulp, van buyten wit met diepegroeven, loopende als in gelylte linienmet eikanderen , binnen van een roodt-achtige kleur. ( tafel 14. fig. 6.) aan de-zen schulp maken zy een handvatiél, en. gebruyken ze in de keuken, in.plaats,au van een lepel of emmer. : Nakatdgai isAs ar , een groote,leelyke , rondachtige , ge-' streepte en zwarte schulp. Afari is een•p kleine dunne schulp, graauw of aschver-wig. Te of Matee {tafel 14. fig. j.'j iseen langwerpige dunne twee-schulp ,aanbeide einden gaapende. Het dier datdaar in is , word, voor.zeer lekker ge-- a ke. hóuden. . Ú mi Fake ís een andere twee-schulp zeer na van ’t zelve soort,ontrenteen span , lang, en zo dik, dat men zequalyk bevatten leao tuslehen den duymen voorsten vinder. Het vleeich wordingezult en tot \ gebruyk bewaart. De-ze schulp word alleenlyk gevonden opde kusten van Tfikungo , alwaar ’t verbo-den is op uytdukkelyk bevel van denVorst van dat land, dezelve te vistchen.
I. Boek. XI. Hooedst, ioï
Voer Bt ’&f ecfVoOr b J Ktd
Takaragui in de Indíén Kauris genoemt,'Worden gebracht van de Maldivischeen an-' dfere Eylanden, en in Bengale , Pegu en Stamingevoert, alv^aar zy vpor. gmgbaavrgeldt gaan/ iJçzey díe pn ■ Japan \Vorden„geyónd 4 p,tóï^ à vchMeà „Lorten.{tafel i^-fig- 8-) De beste worden ge-bracht van de Eylanden Riuku , en zyn’t voornaamste dat onder haar witte wan-
Takaragaá
Sasii»
Nifi.
gen-blanketsel word gedaan. Safai {tafel14 .fig. 9.) is een groote , dikke, ruy-kende, rolronde Een-schulp, wit enge-sprikkeld. Desielfs mond is vast en dichti gefloten , met eeti -vlak en dik dekzel,van een steenaçhtige stof, rouw , . enj aan de buytenkant niet ongelyk de - La-j pis Juclaicns , alleenlyk scherper en glad-! der. Nifi is een Een-schulp zeer na vande zelfde gedaante, maar grooter en heeftzul ken goeden vleeich niet. Beide kun-nen zy Zith Zclven zeer vast hechten aande klippen ep aan den bodem der zee ge-lyk de AiüM.' ’t pctrseene s volk ge-bruykt deze schulpen om in plaats vanpotten daar .in te spuwen. Tennist zyn degemeens zwarte Land-S'lakkcn, die voorvoedsel opgegaart worden in modderigeRyst-velden. Zy hebben haaren mondgefloten met een langwerpig en bynastcenachtig dekzel. Bai is en Slak in eengémeene langwerpige , holronde witteschulp, zv/r of Mina is een andere van Ras *
’t zelve soort, maar zwart en kleinder. 'Beide worden zy met laag water aanstrand opgeraapt. Kabnto is een ldcinc, Kabut0 'langwerpige,ronde , en geen rolrondeEen-schulp. Een andere kleine tols-wy-ze Een-schulp word Sugai genaamt. Sagai.
Tanniíû
N ;
DE
t
(