— 6 —
Misschien zullen fle schrijvers van deze en dergelijke epistels,voor zoover zij nog in leven zijn, met mij over hunne boozewoorden lachen, wanneer zij nu zien, hoe de Vacantie-Kolonies overhet grootste deel der beschaafde wereld zijn ingevoerd en zich steedsmeer en meer uitbreiden. De goede uitkomst bepaalt en veranderttevens het oordeel der groote menigte.
Was mijne onderneming mislukt dan zouden er thans ook nogvelen zijn, welke deze als „schwindel” beschouwen zouden. Naastde zooeven vermelde scheldbrieven, openlijk geuite en zelfs goedgemeende afkeuringen ontbrak het ook niet aan warme schriftelijkeen mondelinge goedkeuringen.
Bijna op hetzelfde oogenblik, dat ik den eersten smadelijken briefontving, die mij natuurlijk pijnlijk aandeed, bracht de post mijeen brief inhoudende fr. 100, begeleid door eenige hartelijke, moedin sprekende woorden, van iemand, dien ik toen nauwelijks kende.Zoo ging het voort, dan eens goed, dan eens afkeuringen hoorende,tot in Juni 1870, toen de eerste Vacantie-Kolonie naar de hoog-vlakte van Appenzell werd uitgezonden, met zulk een goed resultaatdat de openbare meening meer en meer voor de ondernemingwerd gewonnen.
Op mijne, in het Dagblad geplaatste „Openlijke Bede” waren intalrijke kleine giften fr. 2340 ingekomen, die het mogelijk maakte,68 jongens en meisjes voor veertien dagen in drie Appenzellerdorpen onder dak te brengen.
In de goede zaak werd ik krachtig geholpen door doctoren enonderwijzers der stad, zij hebben tot op dit oogenblik met steedstoenemenden ijver het werk ondersteund, en ik kan hen voorhunne hulp, zonder welke ik weinig of niets had kunnen doen,niet genoeg dankbaar zijn.
Zooals ik eerst later hoorde werden reeds langen tijd te vorenuit eenige Italiaansche steden „scrofuleuze” kinderen naar zee ge-zonden, waar zij kosteloos de genezende baden konden gebruiken,en werden in Denemarken duizenden arme, zwakke kinderen(erholungs-bedürftigen) gedurende den vacantietijd in welvarendegezinnen, die op het land wonen, verzorgd.
Tets dergelijks werd in hetzelfde jaar (1876) in Hamburg inge-