Buch 
Een Twintigjarig Jubileum : eene studie / door G. L. Zwartendijk, Secretaris-Penningmeester der Vereeiging "Rotterdamsche Gezondheidskoloniën" te Rotterdam
Entstehung
Seite
33
JPEG-Download
 

33

Voor de Duitsche zomerverplegingen, zoo luidt de slotsom van hetlaatste verslag van genoemd Central Verein, geldt, om dit kortte zaraen te vatten, juist hetzelfde, wat Ür. Leuch te Züricli, inzijn verslag heeft uitgesproken (zie Zwitserland).

Geldmiddelen. Uit geen der berichten is mij gebleken, dat inDuitschland staat of gemeente subsidiëeren. De groote sommen,waarover men beschikt, als reeds gemeld, in 1895 651,000 Mark ,worden geheel vrijwillig door de particuliere liefdadigheid bijeen-gebracht. De bezittingen aan eigen inrichtingen en meubilair,maken bovendien te zamen (de som is mij niet opgegeven) eenkolossaal kapitaal uit.

Alleen geven in Duitschland de spoorwegdirectiën belangrijkeprijsverlaging voor het vervoer.

Bestuur. De inrichting is vrij wel gelijk als in Zwitserland. In degroote plaatsen zijn verschillende vereenigingen. In sommige stedenmaken de vereenigingen voor Ferien-Coloniën een onderdeel uit vanschool-vereenigingen, in andere van hospitalen of diaconessen-veree-nigingen, ook in enkele voorziet een vermogend man persoonlijk inhet beheer en de kosten van een gedeelte der uitgezonden kinderen.

DENEMARKEN.

Ontstaan. Tijdens de oprichting der Vacantie-Kolonies doorDr. Bion in Zwitserland, hadden reeds verscheidene Deenschefdmiliën, die op het land wonen, hunne woningen gastvrij open-gesteld, om gedurende den vacantie-tijd eenige zwakke kinderenuit Kopenhagen geheel kosteloos op te nemen en te verzorgen. Hetschool-comité in de hoofdstad koos de leerlingen uit en zorgde voorde reiskosten.

Deze wijze van handelen wordt nog steeds in Denemarken voort-gezet en heeft eene bewonderenswaardige uitbreiding verkregen. Iklaat hier volgen wat ik door vrienden in Kopenhagen, en speciaalvan den heer directeur van het gemeente-schoolbestuur aldaar,den heer Karl Theisen, vernomen heb.

Bestuur. Gedurende verscheidene jaren bestaat alhier een comitévoor vacantie-reizen der Kopenhager gemeenteschoolkinderen, be-staande uit de beide schooldirecteuren en den inspecteur der Kopen-

3