AANTEEKENINGEN.
1) In de Aanteekeningen op de rectorale redevoering van P.J. Uylenbroek ( De fratribus Christiano atque Constantino Hugenio ,artis dioptricae cultoribus , Ann. Academici, 1837—1838, p. 23)wordt vermeld, dat Constantijn, bij zijne inschrijving als student,19 jaren oud was. Dit geschiedde op grond der aanteekeningen inhet Akademisch Album. De hooglecraar L. W. E. liauwenhoff, detegenwoordige secretaris van den Akademischen senaat, heeft degoedheid gehad, dit voor mij na te zien en het werkelijk beves-tigd gevonden. Intusschen kan dit bezwaarlijk juist zijn. Con-stantijn was, volgens de meest te vertrouwen berigten, in 1628geboren. Zie A. J. van 'der Aa, Biographisch Woordenboek derNederlanden, voortgezet door K. J. 11. van Harderwijk en G. D.J. Schotel, in voce. De beide broeders verschilden dus slechts eenjaar in leeftijd.
2) Bij den dood des vaders, die trouwens eerst in 1687 voor-viel, verdeelden zijne drie nog in leven zijnde zoons deze heer-lijkheden onder elkander. Constantijn werd heer van Zuylichem ,Christiaan van Zeelhem, Bodewijk van Monnikenland. Het toe-voegsel „van Zuylichem” was echter door het gebruik schier totfamilienaam geworden, iets dat soms aanleiding tot verwarringheeft gegeven.
3) Dit is de dagteekening, welke ’s Gravesandc heeft aange-geven en die men bij alle schrijvers, die over Huygens geschrevenhebben , terug vindt. Yan Swinden noemt echter in zijne Ver-handeling over ITuygem als uitvinder der slingeruurwerken ( Verh.d. eerste kl. van het Kon. Ned. Instituut, 1817, derde deel, hl.30 in de noot), den 16den April als zijn geboortedag. Daar hijdit doet op grond van het uittreksel uit het Dagboek van Con-