77
»Aen myn Nigten Madame de Villerets ende Juffrouw Caron,Legatere ick yder een somma van drie hondert guldens, dat isook myn begeeren; dato uts a en was geteekent
Chr. Huygens.
»Myn vaste Goederen , ende andere die ick hebbe, sullen wer-den gevonden naar de verdeelinge gemaact wegens de nalaten-schap van myn ouders, dewelcke beneffens het Testament leggenop Hoffwyck in een Lade van het groote Cabinet, en anders geenstaat gemaakt.
» Accordeert naer Collatie jegens de minute ondermy Notaris berustende, desen 15 July 1695.
Quod Attestor,
A. v. d. Smalingh.
Not“ publ. 1695.”
83) In eenen brief, te vinden in Uylenbroek’s Ckrütiani Hu-genii Exercitationes mathematicae etc., I, p. 252.