Band 
Eerste Deel.
Seite
102
JPEG-Download
 

102 ,

VAN DE KRACHTEN

voorcn : Laat het zelve lighaam wederom met 100 krachten tegens lotie wolof katoen aanloopen , zal het nogh veel dieper hierin dringen , en langíâa-mer alle zyne krachten verliezen ; niettemin zal het in decze drie gevallen alleZyne krachten verliezen , derhalve is het uitwerksel het zelve , naamclyk hetverlies van krachten , veroorzaakt door schielyker of langsaamer werkende te-genstand ; doch in de drie gevallen is de tegenstand cvengroot, naatnelykgclyk aan too krachten.

§. 194. Schoon dceze voorbeelden klaar en overtuigend genoeg zyn , zalmenze evenwel nogh met eene proef bevestigen : maar eerst moet men wee-ten , dat indien een bewoogen lighaam met alle zyne krachten gedreeven wordttegens een zagt of week lighaam , wiens deden gelykvormig te faam en hech-ten , zal het in het vaneenicheiden deezer deden, eenen tegenstand lyden : enomdat alle dc deden cvensterk te saamenkleeven , zal de tegenstand zyn indezelve reden , als het getal der vaneengesche.de deden : Derhalve zal hetgantsche uitwerksel van het bewoogen lighaam , in even reden met het holzyn, het welk in het weeke lighaam gemaakt is : Het is dan het zelve , ofhet hol schielyk of langfaam gemaakt wordt, omdat dezelve krachten ver-j nietigd moeten worden door het vaneenstooten der weeke deeltjes. Men heeftFie.*. Zenomen een rolachtig lighaam ABCD, wiens beide uiteinden kcgelswyswaren , de kegel C D liep spits tos , en A B stomp : Men heeft dit lighaamgegeeven eenen bepaalden trap van snelheid , en LD laatcn loopen in weekeklei , waarin het een hol maakte : Daarna heeft men het lighaam met dezel*ve snelheid wederom laaten loopen tegens eene andere plaats van dezelve klei,doch met zyn stompe kegel AEB, het heest in beide dceze gevallen een holgemaakt,t welk even groot was ; doch het heeft meer tyds gebruikt man-kende het hol met CD, dan met AB, want omdat de holen evengroot zyn,moest het spitte eind dieper in de klei ingaan, dan het stompe A B. het welktegens vcele deelen te gelyk werkte , het spitse eind tegens weinige. Hetstompe eind AEB heeft den hoek AEB van 110 graden, de ipitfe hoek CDF

is van f4® > 20. de hoogte D G is van -L duim : de middelynen der holen,

welke van dceze twee einden in de klei gemaakt worden , zyn altyd als xtot ;. de bases van decze twee kegels zyn als de vierkanten hunner midde-lynen : maar de kegels zyn tot malkander in een vermenigvuldigde redenvan de bases en de hoogten, zodat de kegels evengroot zullen zyn, welke hun-ne hoogten hebben in de omgekeerde reden van hunne bases : de vierkantender middelynen van de holen zyn als 4 tot p , en de diepten der holen zynals p tot 4 , wanneer men de proeven gedaan heeft, zodat de diepten der ho-len , of de hoogten der kegels in eene omgekeerde reden van hunne basesZyn, en daarom de kegels of de holen in de klei , evengroot.

§. ipf. Indien binnen in een bewoogen lighaam eene Magt zit, welke al-tyd met een tegenstrydige leidinge, als volgens welke het lighaam bewoogenwordt, drukt ; dan zullen op gelyke tyden ook gelyke verminderingen vansnelheid in het lighaam veroorzaakt worden, derhalve zal het lighaam be-woogen