Band 
Eerste Deel.
Seite
129
JPEG-Download
 

VAN DE ZWAARTE.

1 19

vraagen j waarom dan de zwaarte volgens die reden moest werken waarinmen haar bevindt, welke is een verkeerde reden van de vierkanten der afstan-den van het middelpunt ? dewylcr oneindig veel verscheide evenreden zyn,welke schynen dat zy met evenveel regt van de Natuur Zouden kunnen zyngebruikt dan deeze ; waren 'er dan ook eenige oorzaaken , waarom de eene,boven de andere moest gesteld , en verkooren worden ? ík kan hier niet voor-bygaan de schrandere gedachten van den grooten Wiskonstenaar Maupertuis,welke voor my dit stuk fraai beantwoord heeft, en wiens woorden ik daar-om gebruiken zal (a). Indien wy onderstellen dat God in de stof eenige wetvan Aantrekkinge heeft willen leggen , zo moeten alle wetten aan hem nieteveneens voorgekoomen zyn. De lighaamen , welke rondom zich en van allekanten een evengroote aantrekkingskracht konden oeffenen, waren alleen deklootfche ; en het eenige punt, waarvan men de afstanden moet meeten , ishet middelpunt. Indien wy dan onderstellen , dat God gewild heeft, datsommige lighaamen dezelve eigenschap behouden zouden , welke is, dat doorde gantsche stof verspreid zou liggen eene kracht, om de lighaamen van allekanten naar zich even sterk toe te trekken volgens dezelve evemtden, danwas het zeker dat de aantrekking in ieder deel der stof gelegd, een zekerewet moest volgen , zodat de klootfche lighaamen, uit die stof gemaakt, de-zelve wet ook volgden. Deeze eenparigheid kon eene oorzaak zyn, waaromdeeze wet overal, waar men ze vondt, voorgetrokken werdt ; derhalve blec-ven alle mogelyke soorten van aantrekkinge niet meer eveneens. Wanneer mennu eene oorzaak van voortrekkinge volgens dusdanige begrippen gesteld heeft,kan men Wiskunstig en noodzaakelyk oneindig veele opstellen uitfluiten,waarin de overeenstemming van dezelve wet, tuslehen de deelen en het ge-heel , geene plaats kan hebben.

Volgens zekere wet van Aantrekkinge, waarin de kracht in de deelen der stofzou werken in eene verkeerde reden van de vierkanten der afstanden , wer-ken de bollen van alle kanten op de lighaamen rondom hen gelegd , meteene kracht , welke in dezelve reden is van de afstanden van hun middel-punt.

Het is waar, wanneer een lighaam binnen in een' vollen kloot geplaatstis, dat zyne aantrekking dan niet meer dezelve evenreden volgt, maar datzy dan alleen is als de afstanden van het middelpunt : doch het geen geschiedtin opzicht der aantrekkinge van de bollen op lighaamen van binnen geplaatst,moet daarom geen overcenkonst hebben met de aantrekkinge van de kleinstedeelen der stof : want omdat zy de kleinste deden zyn, kunnen zy nooitanders haarc aantrekking oestènen dan op lighaamen buiten haar.

Men ziet hier uit dat het voordeel van gelykvormigheid, het welk anderewetten seheenen te hebben boven deeze wet van zwaarte of aantrekkinge ( ge-lyk geweest zou zyn die, welke werkte volgens de evenrede met de afstan-den , welke plaats heeft in de lighaamen binnen in eenen bol gelegen) dat dit

voor-la) LHist. dc lAcad. Roy. Ao- 1731.

R