Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
13
JPEG-Download
 

J

VAN JAPAN. I. Boek. 1 H

O O E J> à T

ven, met de beursen , ’t bekken en an-dere verciercelen wierden ontrent vier ofvyf treden voor den Berklam gezet. W yZaten in het midden tustchen de tweeryen der Mandarins ; voor yder van onswierd een schaal van Pinang gezet, metklein gehakte Betel en Pinang ; de randenwaven cievlykheids kalven bestrooit metjasmin’s en andere welruyken.de bloe-men. De Berklam ’s Konings persoonverbeeldende, zat in een bezonder beslo-ten vertrek, aan het boven einde van destal, achter een geborduurd tapyt overeen stuk Bamboes houdts gelegt, twee ofdrie voeten boven den grond uytko-mende, vertonende alleenlyk het boven-ste gedeelte zyns Lichaams. Voor hemwaren gestelt twee vergulde sonne scher-men, aan eiken zyde een. Achter hemlagen, op twee goude kullens, tweegoude pooken , en aan weer zyden vanhem stond een zwaard als voorgenlelt is.Achter hem hongen twee Euro >ifcheSchilderyen aan de muur in gefn rJcnclofwerk, in plaats van lysten , vc lgensde manier van ’t land. Toen vn allegezeten waren , vraagde de BerkU n aanden Heere van Hoorn , door midde 1 vanden Tolk , hoe de Generaal van onzeOost-lndifche Maatschappy voer , hoelang hy in de Indien gewest was, hoeveel Krygsvolk wy nu op Batenu en teBantam hadden , welk Landschay dezertwee het beste was, en ook, wi s wy,de Kapitein ende ik waren ? Na dat de-ze en eenige andere vraagen verscheident-lyk beantwoord waren , wierden debeursen , in welke de brieven waren,geopent, en na dat de zelve door de

handen, der tegenwoordig .zvnde ge-gaan waren, overluyd gelezen.' Vermitsde Tolk sommige Maïeytiche uytdruk-kingen niet verstond, wierden Mr. Mo-ss en Daniel verzocht hem daar in te hel- ,

pen. Na dat deze gehoorgeeving ontrentdrie vierde van een uur geduurt had,wierden wy geleid door den zoon vanden Berklam, die tot dus lang achter zy-nen vader zich vertrokken hadt,door zynander huys, naar onze schuyten,.en vandaar naar het middagmaal, dat voor onsvervaardigt was.

Geduurende ons verblyf tot Stam ge- De Siam-beurde daar niets aanmerkelyks, dan dat ^^verbo-ontrent het einde dezer maand, een or- den zichder des Konings afgekondigt en daar by zelven inaan zyne onderdaanen verboden wierdzich in de rivier te wasschen. Na dezenzag ik verscheide Siammers zich met ri-vier water wasschen in hunne booten,nadien ’t onmogelyk is, dat dit volkzonder water kan leven. De reden waar-om dit verbod uyt quam was, dat on-langich verscheide menichen door eenfcnynige water slang, of hagedis waren Fenynigegebeten, en weinige uuren daar na ge- Hagedis,storven. Men zeide my, dat deze slan-gen niet langer waren dan een vinger,en zo groot gelyk een bloed zuyger, datzy bruyn en blauw gesprenkeld waren, endat ze niet dan om de acht of tien jaarende rivier befmetteden. Om het volk toteen nauwkeurige naarkoming van ditbevel te verpligten , wierd ter zelvertydt afgelezen, dat de nabestaanden oferfgenaamen van elk een, die aan dc beetvan dit fènynig schepsel stierf, vyftienTbails tot boete zoude bemalen.

II. hoofdstuk.

Tegenwoordige Jiaat van ’t Siamfche Hof , benevens een Bescha-ving van Judia, de Hoofd-Stad en plaats van ’s Konings

Hofhouding.

«Se TT

Sr' " Lá

volkeren van Asia. Vf à na de

fa, of Souverem, x% ^ Pr fjgarees Na-

dood van zynen voor^ aanv atteray e Pmtsiau den benepw ,door allen de geenest, die xaf t(

de gevolginghadden, wreede y ï

roeyen. 6 Hy tad « M->°» "

dit uyt te werken, .vermits,my j

B°f Tan

hiain.

leven des overledenen Konings, Kapi-tein Generaal was,die daar benevens aanhem had toe betrout het voornaamste re-gerings bewind over het Ryk, geduu-rende zyne langwylige ziekte , welkeeindelyk , schoon hy steeds hoopte opherstelling, ongenceflyk wierd bevon-den. De ontdekking van een verraadt,tegen de naaste erfgenaamen van àeKroon, en hunne vrienden aangelegt,door een dienaar van staat , CoisiantmB z Faal-