Naphta.
Amber deGris,
!
go DE BESCHRYVÏNG EN GESCHIEDENIS
zeer groote Paerl, dewelke fömtyds vanvyf tot zes Condoriins weegt, doch diezyn van een morsige geele kleur, leelykvan fatsoen en van weynig waarden. Eenredelyk goed soort van Paerlen ziet mensomtyds gegroeyt in het eige vleeschvan de schulp, die door de Inboorlingenword genoemt Tairaggi , en gevondenword in de Golf van Ar'tma, tuffchenJmagava en IJafaje. Het is een plat soortvan een schulp, langwerpig, byna drie-hoekig, aan weerzyden wat gebochhelt,ontrent anderhalve span lang , en ophaar breedste een span breedt , dun,doorschynend , glad en geschaakt gelykhoorn , maar zeer bros.
Napbta van een roode kleur, by de Ja-poneesen genoemt TJutJono Jbra , ’t welkbetekent Roode Aarde , word gevonden ineen rivier van de Provintie Jetsingo , enopgenomen in zulke plaatsen, daar hetwater weinig of geen loop heeft, en deInboorlingen branden het in de lampen inplaats van oly.
Op de kusten van Satzuma , en vande Eylanden Riuku word eenige Amberde Gris gevonden. Een veel grooter ge-deelte komt van de kusten van Kbumano,gelyk zy ze noemen , waar door moetenverstaan worden de zuyderlyke kustenvan Kynokuni , Isje , en eenige andere by-gelegene Provinciën. Het word voorna-mentlyk gevonden in de ingewanden vaneen walvisch, welke dikwils gevangenworden op de Japanfche kusten en doorde Inboorlingen genoemt word Fiakfiro ,dat is viseh van honderd vademen, vanwegen de lengte deflelfs darmen, welkemen onderstelt dat zulken lengte uytma-ken. Het word,gelyk ik gezegt hebgevonden in darmen van dezen walvisch,voornamentlyk in de onderste darmen,vermengt met kruyd en kalkachtigevuyligheden, byna zo hard als steen, enhet is van wegen de hardigheid dezervuyligheden , dat zy in ’t doorfnydengisten , of het waarschynlyk is dat zyAmber de Gris zullen vinden, of niet. DeInboorlingen hebben aan deze kostelykewaar een zeer verachten naam gegeven,doch overeenkomstig met de gering-heid van deflelfs oorsprong , want zynoemen ’t Kujuranofu, dat is afgang deriValviflcben. Als de Amber de Gris door debaaren word afgefcheurt van den bodemder zee, en op de kusten geworpen voordat het door de Walvistchen word in-gestokt, is het eene leelyke, platte, sly-mige stof, niet ongelyk een koe-drekhoop, en daar beneven van een zeer lee-lyke, onaangename reuk. De menfehendie het dus vinden op zee dryven of op
de kusten leggen, nemen verschelde klei-ne stukken, wringen en drukken zenaauw op een, op de wyze van een ron-de bal t , dewelke als ze begint droog teworden, ook vaster en wigtiger word.Anderen mengen en kneeden het met jmeel of bloem van ryst -basten , waar ;
door zy niet alleen meer veelheid kry- i
gen, maar ook de kleur hooger en betermaken. Evenwel is de dus vervalfchte \Amber de Gris lichtelyk te kennen; [
want indien gy ’er iets van neemt, en ;
het zelve brand, zal ’er eene koole over- ■
blyven,na mate van de stof of de bloem,die ’er onder vermengt is. Behalven ditheeft men opgemerkt, dat de wormenlichtelyk in dit verbasterd soort komen.
Andere vervalflchen het door ’t zelve te ;mengen met een zeker gepoederde harstvan een aangenaame reuk , doch dit be-drog word ook lichtelyk ondekt ; wantonder het branden, zal de bygedaane harst ;
klaar blylten uyt de eige kleur, reuken j
hoedanigheid van de rook. De Chinee- |
scn hebben een andere proef om tezien of ze oprecht is : zy schrappen ’eriets af zeer fyn op het kookend theewa-ter • indien ze oprecht is zal ze smeltenen zich gelykelyk uytbreiden , ’t welkhet vervalfchte soort niet doedt. De In- •boorlingen gebruyken ’t met anders daneen bymengsel onder andere welruyken-de dingen, om, gelyk zy zeggen, der-zelven vlugge reuk bestendiger te ma-ken. Ondertusschen achten zy ’t vanweinig waardy , en het is alleenlyk toete schryven aan de Nederlanders en aande Chmeesen die het wilden koopen totwelken prys het ook was, dat zy ’t nugeleert hebben in waarde te houden. Enevenwel staat het vry aan ieder een om -
het op te nemen waar hy ’t vind, en het. :
te verknopen als zyn eige. Geduurende 1
myn verblyf in Japan was ’er een stuk te Í
koop van 14,0. Cattis zwaar,en van een \
graauwe kleur. Het was al te groot voor ?
een enkel persoon om te koopen , der- ;
halven verkochten zy het by stukken 1
van zestig tot zeventig F huils een Catti. i
Ik heb zelf voor ontrent dertig Thailsgekocht van het geene ’t zwartste was. [
(Een naauwkeuriger verhaal van de Am- j
her de Gris zal men vinden in het aan- ;
hangzel.) J\
Alle soorten van onder-zeefche plan- F ;ten. Heesters, Coralen, Steenen,Cam- Ì
pernoeljen,Zee-vaarens,Corallynen,wie- g -
ren , gelyk ook schulpen van allerleysoort, worden overvloediglyk in de Ja- :pansche Zeen gevonden , in schoonheid j
niet wykende voor die dewelke ontrent 1
Amhoina en de Specery Evlanden gevon- .
den