86 DE BESCHRYVING EN GESCHIEDENS
bootst met de bladeren van een Platanus.Haare bloemen gelyken in fatsoen engrootte de Rooien,en de zaaden zyn ge-lyk die van de Ricinus , waarom ik haargenoemt heb, Ricinus Arboreus salto Al *ces. De Afadìracht Avicennœ. De 'TJu-backi boven genoemt,gelykook de Uruft yFaafi , en Ka'moki boomen. De Kottoen-Heester en plant. Tweedcrley soort vanSesami met witte en zwarte zaaden. DeOlyen geperst uyt de zaaden van dezeverscheidene planten, uytgezondert vande Sesami cn de Kat , worden in de keu-ken gebruykt , en die zelf noch spaar-zaam , nadien de spysen gemeenlyk indit land bereydt worden zonder boterof oly by dezelve te doen.
Aanmer- De Japoneesers zyn zulke goede Land-tongen bouwers als 'er misschien in de waereldstaat van g evonc ^ en worden. En waarlyk , hetden Land- ^ niet te zeer te verwonderen , dat zytouw in veele en groote voortgangen hebben ge-Japan. daan in den Landbouw, uyt aanmerkingniet alleen van de uytnemendste volk-rykheid van dit land, maar voornament-lyk daarom , dat men de Inboorlingenniet toelaat eenigen handel of gemeen-schap met vreemdelingen te houden ; zodat zy noodzaakelyk zich zelf moeten ge-neeren van hun eige arbeid en neerstig-heid. Hierom zyn de wetten op dit stukzeer Zonderling en streng. Niet alleen-lyk de velden , en ’t vlakke land, datZelden of nooit tot weyland gemaaktword, maar ook zelfs de heuvelen enbergen, brengen voort, koorn, ryst, bon-nen, peulvruchten en andere eetbaareplanten. Elke duymbreed lands wordten besten voordeele aangelegt , en hetwas niet zonder groote verwonderingdat wy in onze reyzen naar en van hetHof zagen heuvelen en bergen , en on-der dezelve veele die zelfs ontoeganke-Jyk waren voor ’t vee, en die in ande-re landen geheel bloot en verwaarloostzouden leggen, van beneden af tot denkruyn toe geheellyk bebouwt. Zy zynzeer behendig en ook verstandig in dengrond te mesten , ’t welk zy doen opverschelde middelen en met veele ver-scheidene stoffen , waar ontrent ik gele-gyntheid zal hebben op verschelde plaat-sen van deze Historie verder te spreeken.Vlakke laage landen worden beploegtdoor Oslèn , de hooge door Menfchen,en beide bemest met menfchen drek. In’t byzonder ontrent ryst, welke het voor-naamste voedsel der Inboorlingen is ,word den grond dien zy bequaamelykkunnen missen,en die dezelve wil vóórt-brengen, in ryst velden verandert, voor-namentlyk vlak essen land, ’t welk zy
door grachten kunnen afsnyden, én dáárzy ’t water naar hun zin kunnen bren-gen , ’t welk tot verbaazens toe dengroey van deze plant bevordert, nadienze een vochtige modderige grond be-geert. Weshalven de Japansche ryst ge-houden word voor de beste van geheelAfia^ inzonderheid deze,die in de noor-der Provintien groeyt , dewelke langejaaren goed blyft , en welke zy om díereden verkleien om haare pakzolders me-de te vullen , hebbende dezelve eerstgewasschen in modderig water en daarna gedroogt. Alle landen moeten jaar-lyks beschouwt worden, eer ze wordenbezaayt, door Kemme , gelyk zy Ze noe-men , zynde gezwoore Bezichtigers, diezeer groot in aanzien zyn om hun ver-stand in de Landmeetkunde, en daaromhet voorrecht hebben van twee degenste dragen ; ’t welk anderzins aan nie-tïiant word toegestaan, dan aan den Adelen de Krygsluyden. Als den Herfst na-dert worden zy noch eens geschouwt,op welken tyd gerekent word hoe veelde geheele oogst na allen schyn opbren-gen zal, ’t welk zy doorgaans, waarlykby gisting, doch met een verwonderen-de netheid doen , en daar door voorko-men , dat de Huurders hunne Lartd-Hee-ren niet bedriegen. Zo het gezien is, datde Oogst by uytnementheid groot zalzyn , laten zy een vierkant stuk maayetien dorsschen, en daar na maken zy eenoverstag van het geheel. De Land-Hee-ren eigenen zich toe Rokubu , zes deelenvan de tien, van al wat het land op-brengt, ’t zy ryst, kooren, tarW, boo-nen, erweten, of wat het zyn mag ; ende Huurder trekt , voor Zyne moeite enonderhoudt Sybu , of vier tiende deelen.De geene die Kroons-Landen in huurie n > Uven maar vier tiende gedeel-tens aan den Stadhouder van den Key-« en het overschot houden zy voor1C 2ewen. Om de menfchen aan te
moe jgen, die onbebouwde grond bear-] C y en bezaayen , word hen de ge-lee e Oogst twee of drie jaaren lang al-een gelaten. De grond irî ’t algemeenwo.d verdeelt in driederley (i) de 6/S,c beste. (2) De Tfjn , de middelmati-g e » en (5) , slechtste grond. Maar
zy Zeggen ook Dfo no Sio , naast aan deeste , O/i) „o Tfitt , naast aan de middel-,, aie , en Dfi no Ge , naast aan de slecht-te - Men ziet ook wat de schatting be-stett, eenigermaten op de goede of slech-te gesteldheid van den grond, en dit ver-chilt ook merkelyk in de een of d’an-, tlc Provintie , doch doorgaans komtet uyt op zes tiende deelen. Onder
veele