zz6 DEBESCHRYVING
fondamenten van dit werk , waar door,zeggen zy, de vertoornde Zee- God teneenemaal bevreedigt wierd. Deze Haavelegt alleen naar ’t Oosten open, hoewelze zelfs van dien kant op een goede enmaatigewyze beschut word door de kus-ten van de Provintie Setz. Ten Zuydenis zy geveiligt voor de woede der bulde-rende Zee jdoor de bovengemelde dyk.Het is de laatste goede Haave , daar wyaanquamen in onze reys van Sïmonofekïnaar OJacca , en word zo veel bezocht,dat wy, toen wy in dezelve inliepen,daar met minder dan drie honderd Sche-pen ten anker vonden. De Stad Fiogoheeft geen Kasteel, en is byna zo grootals Nagasaki , doch niet zo breed, maar lan-ger , en gebouwt rondom de halvemaand-iche randen van deszelfs Haave. Devoorste huyièn, of die ’t naast aan deHaave leggen, zyn alle arme hutten,maar die van achteren zyn veel grooteren zindelyker, en beter gelegen,zyndegebouwt op een verheve grond opgaandenaar een aangenaame berg met hoornenbeplant, achter welke zich vertoont dekruyn van een dorren berg, welken zyZeggen zeer ryke Mynen in te hebben,uytleverende een groote menigte Gouds.Omtrent ten een uur ’s namiddags wier-pen wy het anker uyt in deze Haave,zynde op deze dag voortgeloopen acht-tien mylen.
Op Zaterdag den vier-en-twintigstenverlieten wy onze groote Bark vroeg’s morgens om dat wy ze niet wel kon-de brengen tot aan OJacca wegens de on-diepte van de Haave dier Stad , en wyhuurden vier kleine ichuytiens om onsmet onze goederen over te brengen naardie plaats. In ’t voorbyvaaren zagen wyverschelde aanmerkelyke Steden en Ka-steden , alle gelegen op de Kusten vanNipon, als onder anderen , de Stad en hetKasteel van Aman ga saki , dat maar drieuuren van Osacca aflegt. W y zagen ookde Keyzerlyke Stad Sak ai ten Zuyd-Ooiten, toen wy in de Rivier van Osac-ca quamen , van waar ze vier JapanfcheZeemylen aflegt. Dezen dag afgelegt
EN GESCHIEDENIS
hebbende tien mylen geraakten wy totaan den mond van de Rivier van OJac. a, enomtrent ten elf uuren ’s morgens voerenwy deszelfs bevaarbaare Rivier in, stuu-rende Oost-Zuyd-Oost. Hier wierdenwy on'tfangen door onzen Waard , dieons de Rivier opgeleyde, in twee prach-tige Booten Wy voeren voorbv ver-schelde nieuwe Dorpen, en kleine Stad-jens of liever Voorsteden van OJacca , diegebouwt waren langs de Oevers van deRivier zedert verschelde laatst verloope-ne jaaren, en tusschen meer dan duyzendkleine Schuytjens quamen wy in de Stadzelf, die afgescheiden is van de Voor-steden door twee sterke staatelykeWachthuyfen, aan ydér zyde van deRivier een. Onder door zes fraaye homeBruggen ingekomen zynde, kreegen wyeindelyk verlof om aan Land te stappen,en eenige steene trappen opgegaan zynde,keerden wy ons in een enge straat, doorwelke wy wierden geleyd naar onzeHerberg, die legt op een der hoeken naarde groote straat ziende, alwaar wy aan-quamen tuffehen een en twee uuren desnamiddags. Op staande voet wierden wydoor onzen Waard geleyd in onze Ver-schelde vertrekken , in het bovenste ge-deelte van het huys , dewelke wy als nagewoonte bevonden afgescheiden dooropstaande schutten , en die gemakkeíykgenoeg zouden zyn geweest, indien wygeen grooten overlast hadden gehad vanden rook, vermits zy hier in deze Land»streek niet van Schoorsteenen weeten.Zo dra als wy in onze Herberg warenaangeland, zonden wy onze Tolken naarde twee Stadsvoogden, om verlof te ver-zoeken hen te mogen opwachten met ee-nige kleine geschenken. Noffi SsemomCümi een der Gouverneurs was naar ’tHof gereyst, om aan den Keyzer en zy-ne Dienaaren van staat de nodige reken-schap te doen van zyne verrichtingen irizyne regeering. Het wilde , dat de an-dere Odagiri 'lasfaw Cami niet t’huys was,doch liet ons des avonds weeten, dat hyblyde zoude zyn ons den volgenden 1morgen ten acht uuren te zien.
IX. HOOFP-