of Aardryk-beschryvìnge. z
Korist niet verstaan, te gemoet te komen , zal ik in ’t zde Hoofd-stuk een Kort Begrip van 't Zamenstel der Wereld geeven.
2. De Oudheid van de Géographie.
a. Gelyk alle andere Konften en Weetenfchappen, schyntdeCeo» Degraphie van geringe beginzelen eerst opgekomen , zoo dat de oor- S' vaaspronk daar van niet nagespeurd kan worden; en zoo de Egipte-deOeo-naaren de eerste uitvinders daar niet van zyn , ten minsten kan men graphlc 'die als de eerste opbouwers daar van aanmerken ; want het verhaalvan Apollonius (á) voörby gaande, om ’tgeschil over de Tydreeke-ning te myden, leest men, dat Sefoftris , de Koning van Egipten,die van de Joden Sesac genoemd wierd {h) , omtrent 965 JaarenJaaren voor Christus , na dat hy veel Landen overheerd had, totColchos liet blyven de Geographische Tafelen van zyn overwin-ningen (c). Onder de Grieken wil men , dat Homerus de eerste is vgeweest die kennis van deeze Weetenschap had (d) : omtrent 5705 aaren voor Christus leefde Anaximander , de Leerling van Thaïes ,die ’t eerst een Kaart van 't Aardryk maakte, en ’t Land en de Zeedaar in afteekende (e) ; Ariftagoras de Melezier , als hy die vanSparte tot het Oorlogen aanried, vertoonde hen een kopere Tafeldaar in de omtrek van de geheele Aarde gefneeden was (ƒ) : nadien tyd had men verscheide Schry vers daar over (g ), waar onderStrabo en Ptolomeus , wier Werken nog voor handen zyn.
z. De Voortreffelijkheid van de Géographie .
Ik oordeel, dat het nietnoodig is, om door lange redeneeringen De der-de Uitmuntentheid van de Géographie aan te toonen ; ’t blykt van "sheidZelfs genoeg, en het zou niet dan een Lofreden van deeze Weeten-deezeschap schynen, als dit.door een menigte van Voorbeelden aange- weetea-weezen wierd. Met regt noemt men de Géographie en de Chrono- c ap ‘
A L logie
(«) Argon ., lib. iv vers 279.
(b) ’t iste Boek der Chron., xivdecap., 25 vers. 2 Paral., xncap., avers.
CO I. Newton, Chron. Abreg., pag. 22., Par. 1728.
(d) Strabo, lib. l, pag. 5'. (e) Diog., Laërt. vit. Anaxag., pag. 8l.
C/) Herod., lib. 5, cap. 49; dit geschiede omtrent foo Jaaren voor Christus.
C§) F'ojs., de Scient. Mathem.j pag. 246 & seq.