Buch 
Inleiding tot de algemeene Geographie benevens eenige Sterrekundige en andere Verhandelingen / door Nicolaas Struyck
Entstehung
Seite
101
JPEG-Download
 

of Zíardryks-befchryvmge. ioï

van vyf Maanden int droog gebleeven zynde, doe men die we-derom int Water stelde, waar van men verzekerd was, dat 'er ziggeen leevendige Beesten in bevonden , zoo zag men die voortwederom zwemmen (<?). Is men verbaast over de grootte der Zon,en over de wyde afstand van de Vaste Sterren ? niet minder moetmen versteld staan, als men agt geeft op de kleinheid der Ledemaa-ten van de Diertjes, die voor het bloote Oog onzigtbaar zyn :maar ons bestek laat niet toe, om al de wonderen , die men indeeze Dieren reets ontdekt heeft, hier aan te haaien ; ook gaa ikde Zee-Gewassen, en andere zeldzaamheden voorby.

3. De Verdeelingen der TFateren

? De Oceaan of groote Zee word in verscheide deelen onderscheiden, 3-Van deals in Zeen, Zeeboezems of Golven, en Straaten. linges'

der Wa-

(ï.) Van de groote Zeen. teren.

1. De groote Zuid-zee, aan de Wesizyde van America. W v . an

L. De Indische Zee, aan de Zuydzvde van Aiia. e eeBs

3. De Atlantische Zee, tuifchen America, Africa, en Europa.

De groote Zuidzee , digt aant Land, byt Zuider America,noemt men de Vreedzaams Zee: de Atlantische Zee word wederomverdeeld in de Noordzee, en de Ethiopische Zee.

(2 .) Van de Zee-boezems of Golven.

Als de Zee diep int Land dringt, dit noemt men een Zee-OOVanboezem of Golf ; tweederley zoort kan men daar in aanmerken ; ven°of1. Die langwerpig zyn en nat ovaal of rond gelyken , met eenZee-boe-naauwe opening. 2.. Die een wyde opening hebben, en nader zems 'aant half rond komen : de eerste zal ik int vervolg tekenen meteen L., en de tweede met W.

1. De Middelandsche Zee is een groote Golf, tuifchen Europaen Africa;tUostelyk gedeelte is tegens Aiia : men verdeelt dezelvein verscheide andere Zeën en Golven, dewelke hunne benaamingenrueest ontleenen van de Landen die daar omtrent zyn : zommige

N 3 tellen

(«) De zelfde Schryver,t 7de vervolg der Brieven, pag. 413.