r 8 Van de Corne et en ,
„ — -—- - Een ster verschoot terstond by duister,
„ Om hoog en aan de Lugt, die als een toorts haar luister,3, Met ëenen langen staart, vast ileepte na zig heên ;
3, Wy zagen ze over ’t dak van ’t huis af, naar beneên„ Gedaalt, zig in het Bosch van [da gaan versteeken,
3, £en vierspoor trecken, en een padt met ligt bestreeken,
liet is bekend , dat tegenwoordig nog grooter verschil als tete vooren over de Tydreekening is opgekomen ; Izak Newton^ byvoorbeeld, meent, dat Troyen veel laater verwoest is (rn) ; enandere wederom vroeger (n) ; maar my dunkt , dat de Comeeteen nieuwe kragt aan ’t oude gevoelen geeft. Die lust in gillingenheeft, kan nog verder voorwaarts gaan. Nog een omloop vroeger,of 1769 Jaaren voor Christus, omtrent dien tyd regeerde Ogyges (o) 9onder den welken een groote Watervloed geschiede , die na zynnaam genoemd wierd; wy vinden, dat onder deezen Vorst, Venusvan verf, van grootheid, van gedaante, en van loop veranderde (ƒ>) :dit zou men voor een Comeet kunnen opneemen : andere stellen,dat Typhon omtrent deezen tyd leefde {q)\ en dan zou het schynen,of het de Comeet was , die Pimius verhaalt, dat in Egipten enEthiopien gezien wierd (r). Wy zullen ons niet verder in deezedingen inlaaten ; maar tot een andere Comeet over gaan.
De In ’t,Jaar 165c, den I )den December , Nieuwe Styl, wierd inomloop America een Comeet gezien. Den ióden wierd dezelve waarge-Comeet, nomen op liet Recifin Brazil, met een Staart, daar de vaste Ster-tiiíin’t ren door heên scheenen (s). Den i8den zag David Chrijiianus16ZL xe- die te Giessen in Hessen (t). Den Losten vernam Hevelhts dezelvezien ís. by den linker Schouder van den Reus ; ’t Hoofd van de Ster wasomtrent 30 minuten, of van grootte., als de Zon; ’c ligt was
flaauw
(m ) Chron. Abrcg. pag. 31. Par. 1728-
(«) Recueil des Diflerr. de P. Souciet. pag. 6. Par. 5716.
(o) Marsham Canon Chron. pag. 8s-
(p) August . van de Stadt Gods, ’tgste cap. van ’t-21ste boek, pag. 70. die dieheeft uit Marais Varro , en deez.e wederom uit Castor Adras. en Dion. Neapolit.
(q) Butbner . Kpiliol. vid. Lubien. tom. 1. pag. 8;6. ■
(r) Lib. 2. cap. 25. (s) ’t Vervolg van Brachelius , pag. 593-
(f) Phys. Astron. Hist. pag. 8. ' .