Grootte der Aarde. 59
vers vinden, Voortyds maakte men in Egipten een groot werk vande Hemelsloop (n ), dog alles wierd geheim gehouden, en is numeest verlooren. Men leest dat Phidon de Koning van Argos, diede 10de was van Hercules , dewelke voor ruim 25 Eeuwen leefde (0),de maat uitvond, die na hem genoemd wierd (/); wat kan mendaar anders uit verstaan, als dat hy door zyn Waarneemingen, ofdoor die van Babylon, of van de Egiptenáaren , de waare lengtevan van de myl, stadie, of voet, volgens de Sterrekonst in Grie-kenland hersteld heeft.
De Myl van Alexandrien was in de tyd van Hero 71 stadie , ofüeMyi4500 Egiptifche voeten (q). ’t Schyn-t dat dit een kleine myl ge* vanweeft is, en dat de groote io Stadiën had, ofdoco Egiptifche voe-due^ 1 "ten, even als die in Babylon : nu reekende de Egiptifche Sterre-kundigennet yoo stadiën in een graad, als hier na breeder zal getoondworden. Stelt men dat in voorige tyden, de voet daar ook dehelft kleinder was, dan is de verdeeling by hun aldus geweest: Eengraad reekende men 100 mylen, ieder myl 10 stadiën, en ieder sta-die 600 kleine, of 300 groote yoeten ; de kleine myl van Alexandrienmaakt net io stadiën van Heródotus.
De Roomsche Mylen in de tyd van Xenophon , waaren de helft Devan de kleine myl van Alexandrien, of 22y 0 Egiptifche voeten, dog?j? 0iH 'die met steenen op de. wegen aangeweezen wierden, waaren 4000 Mylvoeten van Alexandrien, of 4800 voeten van Hercules , of çoooRoomsche voeten, dat is 8 stadiën (r), dan volgt door het voor-gaande, dat men 75 mylen in een graad had, of 5 van deeze my-len maaken de Duitfche myl uit, zoo dat men hier de oorfpronkziet van de laastgemelde myl, en alle de voornoemde bepaalingenfchynen uit de Hemelloopkunde afkomstig.
Aristoteles de afstand tuffchen de oppervlakte en ’t middelpunt Devan de Aarde van noden hebbende, begroot dezelve op 3yooMy- GrieHse -ten (r) i dat hy hier maar de effen honderden neemt, of liever tot het
H 2 volle
OQ Biocl. Sicul. Biblioth. Histor., lib. i, pag. 44.,k°j Newton Chron. des Ane. Royaum. , V32. ál
--‘7 *5 r a Ö* T-Hr*
> Newton Chron. des Anc. Royaum., pag. 41, Par. 1728. Marsham Canoiï447 -
yj S X ab o , lib. 8, pag- 247 -
W) Nero Mech. in liagoge, Suidas , & Pbot, Byxant.
>a. fflas Sc Plin ., lib. r , cap. 23, pag. iz , en cap. 108, pag. 40.
W Meteor ., i ib<