6 1 Verhandeling van de
tweemaal zoo veel plaats in zig begreep als Peking, en agtmaal zooveel als in deezen tyd de Stad Parys (i) ; dat is, vystienmaal groo-ter als Amilerdam, te reekenen na de buitenste Paaien in het Y (e).Om nu eenigermaaten te gissen , hoe veel Volk in zoo een won-derbaars groote Stad geweest zy , zoo vergelyk ik die tegen Ni-nive ; de gedaante van deeze laatste Plaats was een langwerpigvierkant, de twee langste zyden waren ieder ljo, en de tweekortste zyden ieder 90 Stadiën (f) ; onderstelt men nu, dat dieStadiën even groot waren als die van Xenophon , dan was de groottevan Ninive tot die van Babylon als 5 tegen z; waren in Ninivedan r 2.0O00 kinderen, die nog van regts, nog van slinks wisten(indien wy nu hier voor neemen de kinderen onder de vier Jaaren,en volgens de hedendaagse Aanteekeningen stellen, dat die ^ dee-len van 't getal des Volks uitmaaken) dan zouden in de laatstePlaats geweest zyn 1000000 Menschen; dog neemen wy ’t getalder Menschen in de zelfde reden als de grootte der Plaatzen, danzou ’t getal der Menschen in Babylon ruim 600000 geweest zyn;dat is nog minder als ik gis dat tegenwoordig in Bondon gevondenworden. De Heer Newton besluit uit Herodotus , dat ieder zydevan Babylon was 15 Mylen (h) ; maar om dat hier de grootte vandeeze Mylen niet gemeld word, zoo kan men daar niets van zeg-gen. Humfrey Prideaux , daar hy den omtrek van Ninive beschryft,reekent, dat 8 Stadiën een Engelsche Myl zyn (/) ; maar dan zou delaatstgemelde Plaats wel tagtigmaal grooter als Amsterdam geweestmoeten zyn , daar volgens myn reekening maar vyfentwintigmaalkomt.
De Ge* Tot dus verre dan van de Maatea afgehandeld hebbende , zoovande 8 aa ^ over tot Oedaante en Grootte van de Aarde. Dat deAarde! Aarde na genoeg een ronde Kloot is, de Bergen, hooge Landen,en Kuilen uitgezonderd, blykt door de Maan-Eclipzen , en doorde Reizen die om de dezelve gedaan zyn. Eigentlyk is dezelve tennaasten by een langwerpige ronde Kloot, of Sphseroide. De Heer
Newton
(d) Memoir. de l’Acad. Royal, des Scien., Ao. 1717, pag. 75, Atnst. 173 *-
(e) De Beschryving van Am ft., door Coimnel. , -de boek, pag. M°> Amsc. 1694.(ƒ) Diodor. Sicul ., lib. 2, pag: 89.
(g) De Propheet Jonas, ’t laatste vers van ’c 4de Capittel.
(b) Chron. des Anc. Royaum,, pag. 2fi. (i) Pag. 53.