Buch 
Inleiding tot de algemeene Geographie benevens eenige Sterrekundige en andere Verhandelingen / door Nicolaas Struyck
Entstehung
Seite
164
JPEG-Download
 

164 * Aanhangsel op V Onderzoek

de Tafels, volgens de beschouwing van Horroxius of Whiston , zoo heb ik delaatste verkooren ; want dezelve komen, in lang voorleeden tyden, of alsmen door malkander reekent , nagenoeg met de Waarneemingen overeen;ook west ik niet, of de Tafels van de Heer Caflïni wel op de waare Wettenvan de Hemelsehe beweegingen gegrondvest zyn, en of die niet voortkomenuit Waarneemingen door malkander, yvaar uit men bezwaarlyk de Aiquatien,ieder in 't byzonder, kan afleiden : de verbeteringen , die de beroemdeMannen, Izak Newton en Edmund Halley , aan de Maansloop gedaan hebben,kunnen een Verduistering in de Maan ruim 10 minuten vroeger of laaterdoen komen, als men door de reekening van Wlifion vind. Om nu te zien,of men de Equatien van de vermaarde Natuur- en Sterre-kundigen Newtonen Halley verzuimen moet of niet, zoo heb ik 25 Maan-Eclipzen, die zedert64 Jaaren waargenomen zyn, uitgereekent, door de manier, die gemeldword in ons Onderzoek over eenige Zon- en Maan-Eclipzen, pag. 101 : dehalve Diameter van de Epicycle is gestelt op 352 deelen. Ik heb , in deUitreekening, de Tafel van de Uitmiddelpuntigheid, en de Equatie van deMaans Verste Punt, die in de Astronomische Eesten van JVbïjlon i pag. 356,te vinden ís, niet gebruikt ; maar een andere Tafel gereekent , daar ik dekleinste Uitmiddelpuntigheid , met Newton , neem 43319 , en de grootste,66782 O») ; de aanvangtyd van de Zons Middeloop, opt begin vant Jaar1701, Oude Styl, neem ik iofecunden minder als JVhijlon. De voornoem-de Eclipzen zyn niet uitgezogt ; maar alle genomen , daar men de Waar-neemingen op een zekere wys van heeft kunnen doen : 20 Eclipzen ver-scheelden minder als j minuut in de Maans plaats , en de 5 andere geeni| minuut van een graad.

Ik zal hier de Zon- en Maan-Eclipzen, die zigtbaar in Amsterdam zullen zyn,laaten volgen, dewelke in 25 Jaaren tyd, na het begin vant Jaar 1740, zullenvoorvallen, waar door ik de Liefhebbers de moeite spaar, om die van nieuwsaf aan uit te reekenen ; ik heb maar alleen de manier gebruikt, die op pag. 87verhaald word : de tyd heeft my niet toegelaaten, om alle de ^Equatien vanNewton en Halley daar by te doen, hoewel ik weet, dat dezelve netter zoudenzyn , indien ik dat gedaan had. Als daar een V voor staat, zoo betekent ditvoormiddag, en N, namiddag. W. Rogers heest int Jaar 1738 , den igdenJuly, te London een Kaartje uitgegeeven, waarin vertoond word de grootteen het midden van alle de Eclipzen, die van bovengemelde tyd af tot hetJaar 1760, in of omtrent London te zien zyn : de twee Totaale Maan -Eclipzen,die Rogers int Jaar 1754 stelt, zal men in London of Amsterdam niet kunnenzien; de Maan Eclips vant Jaar 1760, in May, vind ik meer als een uurlaater ,en de Verduistering niet over de Zuid-, maar over de Noordzyde. De Maan»Eclips vant Jaar 1764, en de Zon-Eclips vant Jaar 1743 , den 17 den October*zyn, volgens de Tafels van Whïjlon, bereekend door de Heer John May Junior',

t midden van de Zon-Eclips omtrent te 3 uuren, na de middag; de grootheid»

te

(a) D. Gregorj Aüron., lib. 4, pag. 334, Lond. 1702.