10 I .Hoosdsi. BESCHRYVING
ben getragt om deselve van het toevloeyend waterte bevrijden.
Ten vierden , na het Noorden, na’s Hertogen-rade toe) werden Steen-kolen by de last: gegraven,die geen kwaden Reuk van iich geven} ja sodanigisde aarde op den grond hierom heen met Metalen enBergstoffen, en allerlei andere nuttige dmgeri vervuld,dat tot het volslagen geluk van Aken niets andersschijnt te ontbreken, als een vaarbare Rivier of Stroom.Van dewelke nochtans, hoewel men alhier isontrijftenontzet,maar overmits dat echter na hetOosten denRijn,en westwaarts de Maas niet ieer verre gelegen fijn ; zois ook alhier iodanigen overvloed van allerlei Levens-middelen , datse ook daarin selfs vele aan Rivierengelegene Steden overtreft en te boven gaat.
Heerïïjk- Op dat \vy nu mede van de Majesteit en Heerlijk-ïluusher' ^d der Koninklijke o ïKarolijnse Kerk alhier kortelijkCarolijnse mogten gewagen, so willen wy ons bedienen van deKerk. ware én naaukeurige Beschrijving van den Heer Beckjdie dus luid : Den lafl van het geheel inwendig Ge -houw ruft op 8 Zuilen van levendige gehouwe Ste-nen j welke net overeen komen 3 makende twee Ver-wit Ist en twee Omgangen 3 also dat onder en boven 8Dy laren 3 en so vele Bogen fijn : Beneden fíjn welgene Zuilen 3 doch boven is de rondte fodanig geschiktdat onder yder Boog vier ronde en geslepen , veel-ver-wige 3 en uit verre Landen aangebragte 3 en daartoemet vergulde en Corincse Kapitelen vercierde mar-mer ft ene Tylaren zijn ingevoegd 3 zo dat over tweegrote Tylaren ook twee kleine fijn geplaatst in schijn 3alsofdese de Bogen moesten fchragensaarfe nochtansmeest tot cieraad dienen .
Noch zo werd dit Tempel-Gevaart niet weinig
doqr