L0 II .Hoosdst. bESCHRYVING
íe Marmer 3 door Numidiste Lijsten 3 in perken isverdeeld 3 tot dat'er daarenboven is een vertrek ge-maakt met de Stenen Darius en Th isius vercierd; daarctert men 3 1 mede op ; dat voor desen alsseldsaam in eenKerkwierd beschouwd 3 en waar men nu onse Vijversmede op pronkt. Moet niet het IVater door (ilvere Kra-nen lopen ? Dat verder gaat : Ik spreek nu noch maarvan gemene ¥ ompen en Goten ; doch sal ik eens totde Baden der Edelen en Vrygelatene (Libertins) ko-men ? Wat al Water met een geruis langs trappenaflopende ! dus verr' zijn wy door weelde en wellustvervoerd jdat wy niet als op edele Gesteenten willentreden 3 &c. So lingt ook Statirn van de Baden inToscanen : EfFuIgent nitidis gemmantia Balnea Sa-xis. Dat is : De Baden schitterden met glans vanedele Stenen,
Langtus . in fijn 50. Brief, fegt met een woord :Difpeream 3 st Romanorum Luxus 3 V delicia ulloin opere clarim Jpedlentur 3 quam in magnifias Bal-neorum fabricis. Dat is . Ik moet sterven 3 indiende Roomsen pragt en overdaad 3 stg ergens klaarderheeft doen fien 3 als in de somptueuse., dartele enpragtige Gebouwen der Badstoven. Hier van schrij-ven verders Caffiodorus 3 Seneca 3 Lampridms , enmeer andere. Doch so hebben de Romeinen met al-leen dese Baden, maar ook de natuurlijke Waterenvereerd: So heeft Nero in Apontis voorheen een Vij-ver gemaakt, en met Faarlen en kostlijke Gesteentenvercierd ; Caligula heeft Bajas ; andere Keisers, Vor-sten, Prinsen of Roomse Burgermeesters, hebben veleandere natuurlijke Baden in hunne bysondere Land-schappen gebouwd en 'opgepronkt-, gelijk als Anto-nius de Baden/e ín Duitsland > Nero de Neroonse in
Vrank-