4 o 1 V.Hoosdst. BESCHRYVING
niet alle overeen, waar in de Stof van dit Vuur be-Het voed- staat. Sommige meinen, dat het bestaat in Aluin,sel défis andere houden, dat het van Pek, andere van Zwa-
^eéttAhm ve * > andere toeken ’t by de Aslè en Kolen. Ookgee» um. ^ ^ eJ . weinig onder een verichillende van Gevoe-len over dc vuuring en het warm maken, en dersel-ver plaatsen.
Voor eerst, die den Aluin tot spijs voor ’t Vuurhouden, staan’er wel seer slegt by, wijl dat deselvete droog en te aardachtig is,endatse ook veel te foutis, ’twelk het Vuur tegenstaat : Het Vuur vermaaktsich meest in olieachtige en droge luchte stoften, hoe-danige dat den Aluin niet befit, &c.
Ook geen j)] e van gevoelen fijn, dat het Bitumen ofPek destfPek* Vuurs voedsel soude mogen welen, gelijk als daarmeende Agricola in ’t Boek van d’ Op komst en Oor -faak der onderaardse dingen 3 pogen hun Gevoelenop de volgende wijle te verdedigen; dat het Pek en’tPekachtige het Vuur lichtlijk aan sich trekt,so dathet ter naauwer nood door water mag gelest werden;ja dat’er eenig stag van Bitumen is, dat door het wa-ter noch meer brand , waar van dat Tlinius gewagmaakt in ’t i. B. der Natuur l. Histor. Ook gewaagtAgricola j dat dese stofte onder ’t water brand, &c.
Niet alle Doch hier regens diend; dat niet alle warme Fon-warme teinen Bitumineus fijn, gelijk als daar sijn onse al-sijnTitu- lerheetste te BurJcheidj die het geringste teken deser•mineus. stofte of Steen-koolacbtigheid niet by haar hebben,noch ook by steeds opene Fonteinen daar van ge-merkt werd, gelijk men dan ook niet dergelijks lietin onse Keiserlijke Baden , of ook elders. Alwaaromals dat gene, wat men op dese boven op siet drijven,te samen loopt en koud werd, vind men daar ín de
Bloem