Buch 
Christiaan Huygens in zijn Leven en Werken geschetst / door P. Harting
Entstehung
Seite
15
JPEG-Download
 

15

schikt was. Allee» spiegelglas was bruikbaar, maar het toen-malige spiegelglas werd niet gegoten, maar geblazen. Het wasin het algemeen te dun en bovendien zeer zelden vrij vanaderen en strepen, waardoor eene ongelijkmatige breking ont-stond, die het ten eenenmale ongeschikt maakte om daaruitglazen voor verrekijkers te slijpen. Echter gelukte het hem diebezwaren te overwinnen. Den 3den Februarij 1655 bad Chris-liaan eene lens voltooid van tien voelen brandpuntsafstand 13 ),en toen hij deze als voorwerpglas van een verrekijker den25sten Maart, des avonds ten 8 ure, naar den hemelrigtte en daarmede Salurnus beschouwde, ondervond bij eeneder levendigste en aangenaamste aandoeningen, waarvoor domenschelijke ziel vatbaar is, de gegronde hoop namelijk vaneen nieuw en zeer gewigtig feit aan den schat der men-schelijke kennis te hebben toegevoegd. Hij zag op om-streeks drie minuten afslands, ten westen van Salurnus,een zeer klein sterretje , waarin bij dadelijk een wachterder planeet vermoedde. Aan de tegenovergestelde zijdevan deze bemerkte hij eene andere kleine ster, die hijmeende voor een vaste ster te moeten houden. Een be-paald oordeel moest echter tol den volgenden dag wordenuiigesleld. Wie schelst nu zijne verrukking, toen hij, we-derom zijnen kijker naar Saturnus rigtende, ten duidelijkstewaarnam, dat de afstand lusschen de planeet en de laatst-genoemde ster dubbel zoo groot was geworden , tengevolgevan de beweging der planeet in hare baan , en daarentegenhet eerste sterretje in bare nabijheid was gebleven en zichslechts iets verplaatst had. Hiermede was het vermoedenbevestigd, de hoop vervuld. Een nieuw hemeliigchaam,hehoorende tot ons zonnestelsel, was ontdekt.

Men is in onzen tijd , waarin de optische hulpmiddelen