Buch 
Christiaan Huygens in zijn Leven en Werken geschetst / door P. Harting
Entstehung
Seite
39
JPEG-Download
 

39

der van aard, hij spoort telkens den jongeren aan, maarerkent tevens zijne meerderheid en deelt in zijnen roem.

Christiaan onderhield bovendien eene uitgestrekte brief-wisseling met verscheidene geleerden in Europa. Hoogstmerkwaardig voor de nadere kennis van dit tijdvak is vooralzijne briefwisseling met Leibnitz 68 ). Zij hadden elkander teParijs (in 1672 en 1673) leeren kennen. Leibnitz, diezeventien jaren jonger dau Huygens was, koesterde voor de-zen eenen schier kinderlijken eerbied , die telkens in dezebrieven doorstraalt. De gewigtigsle wetenschappelijke vraag-stukken , welke aan de orde van den dag waren, wordener in behandeld, somtijds zoo uitvoerig, dat menige brieftot eene kleine verhandeling uitdijt. In enkele dezer brievenkomen opmerkelijke uitdrukkingen voor, die ons de schrijversnader doen kennen, zoo als b.v. waar Leibnitz, zich verba-zende over de ruwe empirie, die toenmaals in de genees-kunde heerschle , schrijft: »Ny a t-il personne qui médite»en philosophe sur la médicine? Feu Mr. Crane y estoit»propre, mais Messieurs les Cartésiens sont trop prevenusmie leurs hypotheses. Jaime mieux un Leeuwenhoek qui»me dit ce quil voit, quun Cartésien qui me dit ce quil»pense. 11 est pourtant necessaire de joindre le raisonne-»ment aux observations. De volgende zinsnede, ontleendaan eenen brief van lluygens aan Leibnitz 59 ), doet zien, hoede eerste reeds eene veel klaardere voorstelling had van denaard der warmte in de ligchamen dan velen na hem gekoes-terd hebben; hij zegt namelijk: »Cet art de deviner dans»la Physique sur des expériences données na pas clé-«gligé, ce me semble, par Verulamius 60 ), comme Pon peut»connoistre par 1exemple quil donne, en recherchant ce»que cest que la chaleur dans les corps des métaux et