Buch 
Christiaan Huygens in zijn Leven en Werken geschetst / door P. Harting
Entstehung
Seite
62
JPEG-Download
 

62

vraagstuk, betrad Huygens voor het eerst eenen weg, die vervol-gens tot de gewigtigste uitkomsten heeft geleid, niet alleen vanwetenschappelijken, maar ook van praktischen aard. Bijna ander-halve eeuw later, in 1802, debuteerde een ander groot wis- ennatuurkundige, Ampère , met eene verhandeling over een dergelijkonderwerp : Considérations sur la théorie mathématique du jeu , diehem den weg tot het professoraat aan de polytechnische schoolopende. Eenige jaren vroeger had Ampère zich, wederom alsHuygens, met het vraagstuk over de quadratuur van den cirkelbezig gehouden en eene verhandeling daarover aan de akademiete Lyon aangeboden, die echter nimmer gedrukt is. Zie Arago,Oevres complètes , II, p. 43.

17) Het gedicht van Heinsius begint met de woorden:

»Laudibus Hugeni pars addite magna paternis ,

» Quem totum Uranie vindicat una sibi.,

18) Voorgevallen den 24 October 165ö.

19) Uylenbroek, Oratio, p. 13, en Ann. 14.

20) Journal de scavants van den 12den December 1672.

21) De ontdekking der asdraaijing van Mars geschiedde inhetzelfde jaar (1659), waarin het Systema Saturnium verscheen,doch blijkbaar iets later, want zij wordt in dit geschrift nietvermeld, maar is door den hoogleeraar F. Kaiser (Iets over desterrekundiye waarnemingen van Christiaan Huygens , in Tijdschriftvoor de Wis- en Natuurkundige Wetenschappen, uitgegeven door deeerste klasse van het Non. Ned. Instituut, 1848, I, p. 13) aan-geteekend gevonden in het door Huygens gehouden journaal, datin de bibliotheek te Leiden berust.

22) De Engelschman Gascoigne, die, gedurende den burger-oorlog in zijn vaderland, in den slag van MarstonMoore sneu-velde, had wel is waar reeds in 1640 zijnen kijker van een soortvan schroefmikrometer voorzien, doch dit is eerst lang na zijnendood bekend geworden ( Philos. Transact. 1717, p. 603), toenDenham in het bezit der handschriften van Gascoigne kwam. Demikrometer van Huygens is de eerste, waarvan in een gedruktgeschrift melding wordt gemaakt.

23) De daartoe betrekkelijke bescheiden uit het Archief van