VAN DE ZWAARTE.
f ing deezer kringen geduurig te verminderen, en eindelyk op te doenouden : dit is dan onmogelyk, waar uit wederom volgt, dat zodanige draai-kringen de oorzaak der zwaarte niet zyn konnen.
Men ziet alhier dat die Wysgeeren, welke de drukking der draaikringentot eene oorzaak der zwaarte (tellen, wel wecten te zeggen, dat de fyne (toftegenstand biedt en perst op de lighaamen, wanneer zy zulks tot hunne on-derstellingen van nooden hebben, maar op andere plaatsen neemen zy weder-om den tegenstand aan die syne stof weg , wanneer zy zulks om tegen deRuimte en het Ydel te twisten nodig hadden.
§. L4;. Men heeft uit al het geen ik in dit Hoofdstuk gezegd heb, genoeggezien, dat alle aardfche lighaamen, en ook de Planeeten in den Hemel om deZon lopende , zwaar zyn: Men zou dan alhier kunnen vraagen, waarom de Al-magtige Schepper deeze eigenschap in de Aardfche, en in de gemelde hemelschelighaamen gelegd had ? Het is zeker dat dit van zynen vryen wil en wysheid af-hangt, doch niets is van (die volmaakte Wysheid zonder reden voorrgebragd ;schoon wy nu tot het verstand des Allerhoogsten niet kunnen indringen,kunnenwy evenwel het waarfchynelyke opspeuren, en besluiten, dat de zwaarte eenenoodzakelyke eigenschap was in de lighaamen,welke zouden volgens wetten,inzyne raadsbesluiten vastgesteld, bewoogen worden: want daar hy wilde, dat deaarde om haaren As eens in Z4 uuren zou omdraaien , zo zouden alle lostelighaamen door hunne middelpuntvliedende kracht aanstonds met eene groo-te snelheid van het oppervlak der aarde zyn weggeworpen geweest , waardoor het onmogelyk voor menfehen en dieren zou geweest zyn, op dezelvevry te kunnen voortgaan van de eene naar de andere plaats : hier toe wasdan nodig , dat de lighaamen eene zwaarte hadden naar het middelpunt deraarde, welke van grooter kracht was dan de middelpuntvliedende kracht :en opdat de oppervlakte der gantiche aarde in kleine deelen zou kunnen ge-broken worden , en ten dienste der menfehen en dieren zyn , moesten alleaardsche lighaamen een grooter zwaarte naar het middelpunt hebben , dan dekracht 'er van af was door de dagelykse omwenteling der aarde : om dier-gelyke redenen zyn waarschynlyk de Zon en Planeeten ook met de kracht vanzwaarte begiftigd , dewyl zy rondom malkander volgens den wil des Schep-pers moesten bewoogen worden : wy kunnen hier in niets Wiskunstig be-wyzen , maar alleen groote waarfchynlykheden voortbrengen.
R z
y 111.