VAN DEN SCH 1 YVER. x L
metz met Borann.etz in de Rujsche, en Borannek in de Poolfche Taaie,waar door betekent word een zonderling soort van Schaapen , ontrentde Kaspische Zee, in ’t BulgaarschTartaryett en Chorasmien. de bit-tere wateren in de Kaspische Zee : over de oprechte Perfiaanlcne na-,tuurlyke Mummy , Muminahï genaemt: over de Torpedo, een zonderlin-ge Visch, welke de vingers der geene, die dezelve aanmaken ver-kleumt : van de Sanguis TJraconis gemaakt uyt de Vrugten van de la -ma Conifera: over d eTiracunculus, of vena Medem der Arabiiche Schry-vers: over de Andrum, een soort van Hydrocele of Waterbreuk , en de‘Perical, een zweer in de beenen, twee Landziektens onder J ^
ren-, over de Japansche wyze van het Kolykte genesen dooi deHeek, en over de Moxa,een brand-middel in groot gebruyk onderneesen en Japoneesen. _ , p.
By zyne te mg komst in zyn Vaderland, meende hy aanstonds zynepieren en Schriften in bequaame order te brengen,en aan het gemeen mede te deelen ’t geene hy in zyne Reyzen aangemerkt had » en zekerlyR zou-de het toen daar toe de beste tyd zyn geweest, wanneer alles noch vertenin zyn geheugen was : Maar zyne achting en ervaarenheid, en e »welke de Graaf van der Lip zynen Souverein hem aandeed, door hem aante stellen tot zyn Arts, en over zyn Huysgezin, wikkelden hem ras in zu. ken uytgestrekten praktyk , dat ze met een menigte van an ereden,hem weeihielden dit pryslyk voornemen met dien krach , a / ,wenschte,en desselfs eige aardt en gewicht verdiende te vervolgen. Um dezereden was het voornamentlyk, dat àe Amœnitates Exotica ’ met eerder ain ’t jaar 171a. in druk quamen ; Dat Werk, ’t welk alleen gench waals een staaltje of voorlooper van andere, ontmoete (gelyk het waai y wverdiende van wegen de menigte en byzonderheid van nieuwe en eur y
Opmerkingen) een algemeene toejuiching, enk v=rv,ekK malle de L.et
hebbers van geleerdheid e„ erniligc aanmerkingen aanhouding om ipeandere deelen in de voorreede belooft ; te weten, zyne Historie van sa-pait, die hier nevens aan het Gemeen word medegedeelt, zyne Herba-rium ultra Ganvetïcum, of de Beschryving en de Afbeeldingen der Plan-ten door hem opgemerkt in verschelde Oosterfche Landen over de Gan-ees , en eindelyk een volkomen verhaal van alle zyne Reyzen.
In ’t jaar 170c. trouwde hy Maria Sophia IVilftach, eenige dochtervan Wolsraad Wilstach, een groot Koopman tot Stolzenau, engewanbyhaar een Zoon, en twee Dochters, die alle zeer jong stierven. .
De langdurige Reyzen, de ongemakken van zyn beroep, en eenigeby-zondere tegenspoeden in zyn Gesiacht, hadden veel schaade oegaan zyne gesteltenis, en in het laatst van zyn Leven wierd hy 1 wy gplaagt met het Kolyk, waar van hy twéé zeer sterke aanstooten had, eenin November 1715 > en de tweede in het begin van het jaar 17 *6, dezelaatste bleef hem by drie weeleen » evenwel raakte hy weder zo ver, a yin staat was den Graaf van der Lip met zyne familie te verzeilen naar ymont als hunne Artz, en in July wederkeerde op zyn LandgoedSteinhof, naby Lemvow, in eene redelyke gezondheid. Op den 5. ?
bex daar aan volgende wierd hyylings overvallen door staauwtens, en
bloedbraaking, welke hem den gantfchen nacht bybly vende, m ee .
Hechten toestand brachten. Van dien tyd bleef hy in een quynende staat,doch niet ten eenemaal zonder hoop van herstelling, hebbende we erver zyne krachten gekregen, dat hy door zyne kamer wandelde. Maar Fden 14. October, zedert zynen vorigen aanstoot altyd geplaagt 2 ^ n ^ e 0 | erweeft met eene walging en verloeren Eetenslust, quam hem wede
d