Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
20
JPEG-Download
 

de beschryving en geshiedenis

de zuydzyde van wegen de moerigegrond, Waar over de menscheii zich be-helpen te gaan over planken of lompebruggefi. Hier van ís het dát men indie gedeekens vecle ledige plaatsen vind,en groote hoven achter de straaten, irtwelke zy de natuur, laten begaan, zodat zy vol gras, kruyden , heesters enhoornen groeyen in het wild. De eerstestraat als men de stad in komt is díewestwaards loopt, zo als de stadsmuur :in deze staan de beste huyzen , onderwelken zyii de geenen die voortyds be-hoorden aan de Evgclfchen , Hollanders enFrmifcben , gelyk ook in dezelve stiaatdat geert, waar in Faulcon woonde. Demiddel-straat, die ten noorden naar ’tHof loopt, is de meest bewóonste, envol winkels van Koopluyden , Kunste-naaren, en Hartdwerksluydert. In dezebeide straaten ziet men meer dan honderthuyièn, die toebehooren aan de Chinee-ièn, de Hindostanianen, en Mooreii gelykzyn hen noemen. Ze zyn even eens vansteen gebout, zeer klein , zynde alleen-lyk acht treeden lang, vier breed, entwee verdiepingen hoog,waar van yderniet boven twee en een halve vadem is.Zy zyn bedekt met platte tichels esthebben halve deuren Zonder eenige ge-schiktheid ; de andere straaten zyn minbewoont, en de huyièn der gemeerieInwoonders zyn arme hutten, gebouwtvan Bamboes (’t welk is een hol riet vantwee of drie spannen dik) en van plan-ken., en onachtíâamlyk bedekt met Gab-le Gabbe rankeri , en bladeren van denPalmboom,daar in ’t wild groeyende opmoerastige plaatsen- De Mandarins ofDienaars van staat est de Hovelingen,woonen in byzondere Paleyfen, met eenpleyndaár voor,welke zeer morffig zyri.De Gebouwen doorgaans, schoon vankley en steen ópgetrokken, zyn maar tame-lyk , en de vertrekken zyn noch schoon,noch wel gemeubeleert. De Koopwin-kels in de stad zyn slecht en zeer ge-meen ; niettemin, zy staan wel geregeltest lynrecht gelyk met de straaten. Doorde Veelheid der grachten, worden er zeerveele bfüggesl vereischt. Die over degrootste graft leggen, zyn, van, steen enop steene pylaareri gebout, maar gelykmen hier geenp wagens noch karrenheeft, zyn Ze staaiiw est eng .- in ’tmidden zyn ze hoog est tachtig tredenlang ' maar de bruggen die over klein-der grachten leggen hebbest, geen kunstin ,en zyn voor’tmeerendcel van houtgemaakt ; (zie, de tweede tafel,)

's Konings Ist deze stadt zyst drie Konings Paley-Paleyzen. zen. Het eerste is het nieuwe door den

overleden Koning gebouwt aan de noord-zyde naar het midden der stadt (zie Tafel.

3. 1 ,afb.) Het bestaat uyt een groot vier-kant plein met verscheide afdeelirtgen enveele gebouwen, die volgens der Chi-steescn Bouwkunde Verciert Zyn metveele daken en gevels, waar van er eeni-ge vergult zyn. Zo wel binnen alsbuyten de muuren vast het Paleys zietmen lange stallen, in welke eenige hon-derden deftig geharnaste Olyfanten opeen lange ry staan. Zedert dé Frastscheonlusten , gelyk men ze hier noemt,heeft men maar eenen ingang tot het Pa-leys gelaten, door welken niemant, danalleenlyk te voet ingaan mag ; schoonhet zo modderig is, dát men somtydtstot aan de kuyten in de slyk stapt i byaldien men zich niet recht in evenwiathoudt in ’t gaan over de sinalle deelen,die daar over heen geleyt zyn ; een dergemeene Mandarins durft Zelf niet ingaanmet meer dan eenen dienaar Verzelt. Omdeze zelfde reden laat men geene sche-pen noch booten komen tot aan degroote rivier, zo ver ze langs de muurenvan ’t Paleys heenen loopt. De Poortenen andere toegangen tót het Paleys zynopgepropt van naakte meftschen , wiergeelachtige huyd beschildert is met zwar-te ruytachtige figuuren, geschildert opde Wyze als men doed met de beeltenis-sen aan ’t heylig Graf te Jérusalem ; som-mige dezer zyn alleen getèkent op déarmen, maar andere over ’t geheele lig-haam tot aan de lendenen, welke meteen kleedt omWonden zyn, volgens degemeene gewoonte der Inboorlingen. Zyworden genoemt met het Portugeeschewoord Braspintades. Deze zyn ’s Ko-stings Lyfwachten , deurwaarders enschuytevoerders, die in plaats van wape-nen , korte dikke knuppels dragen,rontsom het Paleys zwervende en Hopen-de gelyk ledige landloopers. Het twee-de Paleys, het voorste Paleys genoemt, legt .

ist ’t noord-oostergedeelte der stad naar 'tPa!e) rS ^.deflëlfs einde. Het is vierkant, maar op à Kr °verna zo groot niet dan ’t voorige. Dit rnns ’was de oude verblyfplaats der voorigeKoningen, maar tegenwoordig in hetjaar 1690. word het bewoont door denKroon-Prins, die twintig jaaren oudt is.

Het derde en laatste is kleinder dan eender twee voorige , en legt in het westerest ’t minst volkrykste gedeelte der stadt.

In dit woont nu eest Prins van Konink-lyken bloeden , ern’t word genoemt het fPaleys der Stalle van ’s Konings Olyfan- Paleysten, zynde de gemelde Prins de Bestier- f tz ^ ori [d’der en geleider des Oly&nts, die den oiyfao 1 ^Koning draagt, De Prins rydt niet, ge-lyk