Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
29
JPEG-Download
 

V AN J A P A N.

ten. Yder derde jaar tellen zy dertienmaanden , "wanneer een der twaalf twee-maal word getelt. De algemeene naamvan de maand is Duan , waar by wordge voegt het getal, gelyk zy in ordre vol-gen , voornaamen van de byzonderemaanden, als by voorbeeld Dfuan Aey ,de eerste maand, Dfuan Gie of Dzï , detweede maand , cn zo voorts Saem , de der-de, Sie , de vierde, Ha, de vyfde, Hookde zesfdc, Tfet , of Tfiet , de zevende, Pet ,of Peyt , de achste, welke om het derdejaar tweemaal word gerekent, Ca» , ofKnatt , de negende, Sieb of Sib, de tien-de, Sicheet , de elfde, en Sieb Song , detwaalfde. De eerste maand is van negen

I. Boek. II. Hooedst. 2.9

en twintig dagen,de tweede van dertig,dc derde wederom van negen en twin-tig, en zo gaan ze beurtelings voort, zodat het geheclc jaar bestaat uyt drie hon-derd vier en vyftig dagen, en elk derdejaar uyt drie hondert vier en tachtig. Dedagen der maand tellen zy van de nieu-we maan tot de volle vyftien ; dan be-ginnen zy weer met een en gaan zovoort tot de volgende nieuwe maan. Ditis de reden, waarom sommige van haaremaanden zyn van dertig, andere van ne-gen en twintig dagen. Haare week be-staat uyt zeven dagen, welke gelyk ge-stelt zyn met de onze gelyk volgt.

De Zondag word by hen genoemt Wan Alit de dag der Zonne.

Maandag . . Wan Tjan de dag der Maane.

Dingsdag . . . Wan Angkaen de dag van Werken.

Woensdag . . Wan Poetb , de dag van Ontmoeting, bezoek.

Donderdag . , . Wan Pr abat, de dag des Hands.

Vrydag . . . Wan Soek , de Rustdag.

Zaterdag . . . Wan Sannxs , de Aanhalende dag , of dag van

aantrekking, om dat ze een nieuwe week aanhaalt.

De Siamiten vieren den eersten envyftienden dag der maand, zynde de da-gen der nieuwe en volle maan. Sommi-ge gaan ook op den eersten dag van dekwartier maanen na de Pagoden , 't welkeeniger maaten overeenkomt met onzenZondag. Bchalven deze hebben zy som-mige jaarlyksche plechtige Feestdagen,by voorbeeld een in ’t begin van ’t jaar,genaamt Sonkraen , een ander Kitimbac ge-noemt, ook wel Kthnbac, dat is te zeg-gen , de ommegang te land, op welk,gelyk men my gezegt heeft de Koningopgaat (in een Siamfche Koets,) doormenfehen voortgetrokken, naar eenenberoemden Tempel, te Napatbat, om teofferen ; een ander word genoemt Ktinarn ,wanneer de Koning , gevolgt van eenheerlyken treyn, te water gaat om zynGodtsdienst te oeffènen en offerhandente doen aan een staatelyken Tempel Ba~nthbt, beneden Judia gelegen, en vol-gens ’t gevoelen van ’t gemeene volk deWateren te fnyden , (welke ontrent dentydt van deze plechtigheid op ’t hoogstefcyn,) en dezelve te gebieden afteloopen.Twee andere jaarlyldche Hoogtyden derSiarniters zyn bekent onder de naam vanSahutfiaian , ’t welk zo veel zeggen wil,à het feest der Wasschingen van de O-y santen ; op welke twee dagen de hoof-. ei ? dezer dieren met een groote plech-tigheid w orc j e n gewaflehen. ’t Beginoer r e cstdagen word by de Siamiten in’t algemeen genoemt Kaupafa , cn derzel,-

ver einde Oppafa.

Ik moet voor ik van Stam fcheide noch Muntiets zeggen van de gangbaare munt, 7/Sa- Siam.ni, door vreemdelingen Katti genoemt,verstaat men van zilver, zynde twee eneen half pond, of twintig Thails, of vyf-tig Ryxdaalders, dat is , de dubbelewaarde van een Katti , zo als ze op Ba-tavia en Japan gangbaar is. De Thail isby de Siamiten genoemt famluni , schoon’er geene in het Koninkryk gemuntzyn. Ze is waard vier Tikals. Een Tik al,door de Siamiten Baat genaamt is waar-dig vier Maas , of dertig hollandfchestuyvers. Yder Maas, of gelyk de Sia-miten het noemen , Slim , of Sling istwee Fuangs. Elke Fuang , (de Siamitersspreeken het uyt Pbuani os Pujang) houdttwee Siampais. Een Siampai , of Sapaigeldt twee Pu'minis. Een Puinini is waar-dig een meer of min getal van Byas,door ons genoemt Kauris, zynde kleinewitte of gedachte hoorntjes van ’t ibortvan de Concha Ventris , dewelke ik ophaare byzondere plaats befcheven heb.

De Kauris verschillen veel in waardy ;voor eene Phttang kan men er koopen vanvyf tot acht hondert. Zy worden ingroote menigte ingebracht van de Maldt-vifebe Eylanden. Het zilver geld vanSiam word gemunt van Hollandfche Du-catons, dewelke ten dien einde in Neer-land geslagen, en door deslelfs Oostindi- •fche Maatfchappy tegen veertien schel-lingen het stuk word ingevoevt.

III. HOOFD-

D 3