VAN JAPAN. I. Boek. VI. Hoofdst.
woer denken. Hy regeerde z,yn Rykstiet alleenlyk met een weergaloose Ty-ranny, maar leefde ook met de grootstest'otsheid, en de verquistentste overdaa-<%heid, die te bedenken zyn ; waar vanwen verfcheide aanmerkelyke voorbeel-den aangetekent vindt, in zyne levensbeschryving. Op zekeren tyd liet hyeens een groote plek lands uytgraaven ,v oor een Meyr, en bevolen hebbende,dezelve te vullen met Chineesch bier,^eylde hy daar over met prachtige bar-ken. Hy liet een deftig Paleys Kojakugenoemt bouwen, om er zyn verblyf inte sternen, welkers vloeren waren vangoud en zilver , en ’t geheele gebouwv?st Zulken uytgestrekte grootte,dat deKeyzer Kooll, die den Throon met ge-^eld van dezen zyn Kleinzoon overheer-d e st,wien hy, met alle die van ’t Key-^erlyk geflapt waren, liet dooden, denbrand daar in gestoken hebbende, dezel-volkome drie maanden duurde, eeralles tot aflche verbrand was ; welk ge-denkwaerdig voorval oorzaak gaf tot eenspreekwoord, waar mede de Japoneescrsde ichielyke veranderingen en korte ge-duurzaamheid uytdrukken , waar aan ’smenichen grootheid en geluk onderwor-pen zyn. Deze Keyzer was het, die uyteen kragtige begeerte, om voor eeuwigZyn Ryk te bezitten, beval dat men eensterk onderzoek zou doen na een geneesmiddel, dat hem konde onsterffèlyk ma-ken. Zo het derhalven gebeurt is onderzyne Regeering , dat de bovengemeldeGenees-Heer met zyn volkplanting over-ging naar Japan, moet men aan de Japo-neefers toestaen, dat zy ver te kort schie-ten om de voorvaders te zyn van haarenatie,dewelke toen reedsgeregeertwierddoorZohw, hun achtste Monarch;wantde aankomst der Chineeièn was in hetbevende jaar der Regeering van Koken ,45Z- ' jaaren na Synmu , eerste Keyzer^ an Japan , en Z 09 . jaaren voor de ge-boorte van onzen Zaligmaker, in welkC 1 g e jaar Smofikiso in "het vyftigstejaar’s ouderdoms stierf. Nadien dandeze twee ver haaien geen voldoenend be-Zyn, dat de Japoneesche natie af-komstig is van de Chineesche, zal het nietqualyk voegen te onderzoeken, of hetstiet mogelyk is een andere waarschynly-^fiing ea kero or ^pr on g daar aan toe te schryven.
^ ontwyfièlbaar waar,dat taaien,bro n ? Qr ' en , baare eigenschappen zulke vaste enWeidl" Tl merktekenen zyn, als men moge-nd ge . y c vóórtbrengen kan, om door dezelve^îe? u n nie ï- alleenl yk te onderscheiden en naartï»| e> te speuren, den waaren oorspronk vaneene Natie ; maar om ook uyt te vinden,
59
hoe ze in vervolg vast tyd aangroeyde,door gelyk als met andere Natiën ïnge-lyft te worden. Hier van geven de mees-te Europische Natiën ons duydelyke be-wyzen aan de hand. By voorbeeld, wykunnen dus uyt de taal alleen gemakke-lyk vinden, dat de Polakken, Bohec-mers, en Muscoviters van Slavonischeafkomst zyn ; dat de Italiaanen, Fran-schen , en Spanjaarden afdaalen van deRomeinen ; dat de Hoog-en-Nederduyt-sehers, de Deenen en Zweeden afgespro-ten zyn van de oude Gotten. Ja wymogen noch verder gaan en staaven, datde taaien alleen van verfcheide Natiën,en dc bequaame aanmerkingen op dezel-ve, ons zullen in staat en inbequaamheidstellen, om waarschynlyke gistingen temaken , welke omkeringen, Revolutïen,onder haar zyn voorgevallen, en doorwelke nabuurige volkeren'zy zyn over-heen: geworden ; gelyk ook, of, en hoe zyvan tyd tot tyd toegenomen zyn door nieu-we onderstanden en volkplantingen uytvreemde landen ; want dit mag men alseen vaste en gestadige regel leggen, datna maate van ’t getal der vreemdelingen,die overkomen om zich met ’er woon ineenig Landschap neer te slaan , dewoorden die zy spreken zullen wordenaangenomen in de taaie van dat land, endoor den tyd als eigen en zo gemeenworden by de Inboorlingen , als of zeqorlponkelyk uyt dezelve waren. Hetgroot getal van Hoogduytsche en Deen-sche woorden in de Engelsche spraake,geven die niet een klaar bewys datEngeland van tyd tot tyd is overheert ge-worden door de Deenen, de Neder-Za-xen, en de Franschen. De latynscheTaal zelfs heeft haare zuyverheid niet kun-nen behouden , maar G riekfche woordenwierden vryelyk en in groot getal in de-zelve aangenoomen , na dat de Romei-nen zich meester gemaakt hadden vanGriekenlandt, toen de Zetel van geleerd-heid en beschaaftheid. De taal die nugesproken word in Jranfilvanlen (Zeven-bergen) bestaat merkelyk uyt de Latyn-sche , en de nabuurige Ongersche. Detaal der Inwoonders van Semigullia (eestklein Landschap naby Rusland ) is zaa-mengestelt uyt de Littauwsche, Slavoni-sche», en de Latynsche. Dezelve aan-merking grypt stand zo wel in de ande-re waerelds deelen, als in Europa. JanBarros in zyne Decades, tien taaien, estFlaccourt, in zyne geschiedenis van Ma-dagascar verzekeren ons, dat de taal diegeiprooken word by de Inwoonders vastdat groot Afrikaansch Eyland , opge-propt is met Javaansche en MalytscbeH z vroor-