6* DE BESCHRYVING EN GESCHIEDENIS
straffing en verwarring - in te storten inde gemoederen van de ydele en licht-vaerdige opbouwers van den Babelsehentooien. Dit schynt my ten minsten dewaarschynlykste gissing,welken weg zyook mogen in Japan gekomen zyn, oswelken langen tydt zy ook veripilt heb-ben in deze haare eerste omzwering. Jazelf, de zuyverheid van de Japanscheseraak overwegende, durfikmyne gis-singen verder voortzetten , en staven,dat zy niet veel tyds nodig gehad hebbenop haar eerste reys naar Japan , voor zoveel als wy niet kunnen onderstellen,dat zy zich eenigen geruymen tyd heb-ben opgehouden in eenig land , of byeenig volk , zonder te gelylc toetestaan,dat zy na alle waarfchynlykheid sommi-ge woorden uyt de taaie van die Natiem de haare zouden hebben aangenomen ;waar ontrent ze evenwel nu noch bynaauw ónderzoelt zou worden bevondenten eenemaal vry en zuyver te zyn ; ge-heel anders als wy bevinden in alle Eu-ropische, en de meeste Oosterfche taaienzo ver ze ons bekent zyn,dewelke ichy-nen van haare eerste beginzelen of zoda-nig door en door vermengd en verward,dat 'er naauwlyks eenc is, die niet ecni-ge woorden van een andere heeft, hoezeer ze ook mogen verschillen. Indiendan onze Japaniche volkplanting dat ge-deelte van de waereld bcreyktc,’t welkdeOoddelyke,voorzienigheid geschikt hadtot haare toekomende verblyf en woon-plaats, zo ras als de Chineesen,deTun-quineefen en andere nabuurige Natiën dehaare bereykteden,moet men onderstel-len , dat zy gelukkelyk gevallen zyn opzul ken weg, welke haar veylig en spoe-dig kon brengen naar de uyterste Ooster-fche eindens van Afia , van waar fléchseen kleine of korte overtocht is naar Ja-pan. Om dan ordentelyk na te speuren,welken weg zy waarichynlyk hebbeningestagen, moeten wy beschouwen denstaat waar in de eerste Babyloniers wa-ren na die vreeilèlyke verwarring vantaaien,ten eenemaal verbystert om voortte gaan met hunne lichtvaerdige onder-neming, en gebracht tot die fmertelykennood om van elkander en te scheiden, enover de geheele aarde verstrooit te wor-den. Laten wy tot dit einde onderstel-len (i) dat 'er na alle waarfchynlykheidonder de verscheidene partyen ontstonden rees een krachtige nayver, om voorhaare toekomende woonplaatsen te ver-kiescn zodanige landen, die niet alleen-lylc vruchtbaar en vermaakelyk, maarook minblootgestelt geoordeelt wierden,voor de invallen van andere partyen, of
van wegens haare gemakkelyke gele-gentheid aan de zee, of tuilchen grootsrivieren en hooge bergen, of van wegenhaare groots afgelegentheid. En in ditopzicht is het ten hoogsten waarschyn-lyk, dat zodanige landen , die zeer ver,maar onder een gematigde luchtstreekgelegen waren, niet de minst bewoondegeworden zyn. Dit schynt het geval ofde zaak van het Ryk van Japan te zyn,
Zo ver als haare vruchtbaarheid en ver-makelyke gelegentheid tusschen de dertigen veertig graaden noorderbreedte, vol-komentlyk alle de verwachtingen vaneen eerste Volkplanting kon beantwoor-den. Maar laten wy (ten z.) onderstel-len, dat de voornaamste zorg der eersteaanleggers van eene Volkplanting,in hetzoeken naar een land,bequaam tot haareWoonplaatsen ,noodzakelyk moet geweestzyn, om zodanige wegen en landstree-ken te volgen, in welke zy ter zelver tydzich konden voorzien van alle levensbehoeftens. Zodanige voornemens kon-den naauwlyks krachtdadiger wordenbeantwoort, dan door te reyzen, het zylangs de Zeekusten, of, en met meerwaarschynlykheit , langs de groote ri-vieren en meyren, alwaar zy zich kon-den geneeren met visch voor hunneIpys, met zoet water om hunnen dorstte stillen, en daar Zy oogenschynlykhadden te verwachten goede weylandenvoor hun vee, tot dat zy eindelyk eenland ontdekten , in ’t welk zy oordeel-den, dat zy zich gerustelyk en gemaktkelyk konden neerslaan.
Indien derhalven de vreeilèlyke ver-warring der taaien te Babel deflêlfs In-woonders gebracht heeft, Zo als ze hen oní ííVzekerlyk moet gebracht hebben, in eenonvermydelyke noodzaakelykheid om V anzich van elkander te scheiden en zich iuig e ^over de gansche aarde te verstrooyen, c * en ‘zulke partyen die dezelve taal sprakenhet by malkander houdende en zichneersettende in welk land haar ’t besteaanstond , mogen wy voor toegestemthouden, dat niet weinige getrokken zynnaar de nabuurige zwarte en CaipischeZeen, en dat door dit middel het landvan Hircanien, 't welk gelegen is tusschende Caucasus en de Caipische oevers, alsde beste en vermakelykste plek van Per-sen, eerst bewoont geworden is, gelykook kort daar na de nabuurige vruchtbaarslanden, gelegen tuilchen de zwarte enCaipische Zeen. De zulke die voorhad-den of ’t dienstig oordeelden hunne reysverder te vervolgen, ontmoeteden hiertwee verscheidene wegen, d’eené op de ri-vieren Tanais en Wolga naar ’t noorden,en