Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
172
JPEG-Download
 

DE BESCHRYVING EN GESCHIEDENIS

VreemdeHeydcn-sche Gods-dienst.

Defze’fs

oorsprong.

Budha des-zelfs Stich-s«r.

Zyn Va-derland.

171

VI. HOOFDSTUK.

Van de Budsdo, of vreemde Heydenfche Godtsdienst en van

deszeifs Stichter.

D E vreemde Goden , worden omze te onderscheiden van de Cami ,of Sin , die van aloude tyden inhet land aangebeden wierden, genoemtBildfd en ïoloke. De merken, door wel-ke deze twee woorden worden uytge-drukt verschillen ook van díe van Sin enCami. Budsdo betekent na den letterle-ken zin van ’t woord, de weg van vreem-de Afgoden , dat is de weg of wyze vanvreemde Afgoden te dienen. Men moet denoorsprong van deze Religie , dewelkehaar zelf schielyk verspreyde door demeeste Astatische Landschappen , tot aande uyterste eindens van ’t oosten (bynagelylc de Indiaansche Vygeboom , diezich zelven voortzet en ver uytbreid,door van de uyteinden haarer takken we-der nieuwe wortelen te schieten) afley-den van de Brahminen. Ik heb grootereden om te gelooven, zo van wegen degelykheid der marne, als van den waarenaardt van deze Religie , dat deszeifs au-teur en stichter dezelve persoon is , wel-ken de Brahminen noemen Budha , engelooven dat een wezendlyk deel is vanWiflhnu , of haare Godtheid , die zynenegende verschyning in deze waerelddeed onder dezen naam, en in de gestal-te van dezen Man. De Chineescn en deJaponeeièn' noemen hem Buds en Siaka.Deze twee naamen wierden waarlyk naverloop van tyd een gemeene bynaamvan alle de Goden en Afgoden in ’t al-gemeen ; welker aanbidding overgebrachtwierd uyt andere landen. Zomtyds wier-den ze ook gegeven aan de Heylige, enandere groote Mannen, die deze nieuweleerstukken predikten. Het gemeenevolk in Stam noemt hem Pr ah Vudi Dfou,dat is, de Heylige Heere , en de geleerdenonder hen in haaren Pali of Heylige taal,Sanmona Khodum. De Peguaanen noe-men hem Sammana Khutama , ziet i Boek

L. Hoofdftuk.

Zyn vaderland is volgens de Japonee-ièn, (in welker geval hy voornamentlykhier ter plaatie aangemerkt word) Megat-takokf, of de Provintie Magatta in hetland Tensik. Tensik betekent in den let-

terlyken zin, ten Hemélfch Landsibap os’t Land der Hemelen. De Japoneeson be-grypen onder dezen naam het EylandCeylon, de Kusten van Malabar en Cor-mandes en in ’t algemeen alle de zuydefLandschappen van Apen , ’t vaste landzo wel als de nabuurige Eylanden, diedoor Mooren bewoont wordep, als daarzyn het Half-Eyland Malacca , de Eylan-den van Sumatra, Java , de Koninkry-ken Stam en Pegu enz. J 1

Hy wierd gebooreninhetzes en twin-tigste jaar der Regeering van den Chi-neesehenKeyzer Soowo, die de vierde op-volger was van den beroemden SunoBuo,op den achtsten- dag der vierde maand.

Dit was volgens sommige het jaar voorde geboorte onzes Zaligmakers 1029. eavolgens andere het iozy. (het ï 6 ^°-)toen ik in Stam was) telden de siamiters2232. jaaren van haaren Budha , wiensgeboorte zo hy de zelfde- is met de SiakaHer japoneescn , niet verder loopt, dan ,542. jaaren voor Christus. Zyn Vaderwas Koning van Magattakokf , een mach-tig Koninkryk in het land Tensikf. Ikgiste dat dit het Eyland Ceylon is. HetKoninkryk Stam, word noch hedendaagsdus genoemt door het gemeene volk in

J a ? m - . . ,

Toen siaka negentien jaaren oud was,verliet hy zyn Paleys, zyn vrouw en vzyn eenigen Zoon , en begaf zich vry-williglyk, uyt eyge verkiezing,by Ara-ra Sennin , een Kluyzenaar van grooteachting , die op den top van den bergDandokf woonde , om door hem onder-wezen te worden. Onder het opzichtvan dezen Heyligen Man, stelde hy zichtot een zeer gestreng levens gedrag, ge-heellyk ingenomen met een byna onaf-gebroke bespiegeling van Hemelseien Goddelyke dingen, in een zeer zon-derlinge gestalte in zich zelf, maar zeetbequaam gehouden tot deze dieppeynzen-de manier van denken ; namelyk, tö etde beenen kruyswyze over elkar.deren»met zyne handen op den borst zodainAgeplaatst dat de tipjens van beide de duí'

men aan elkander raakten : eene ' .

te»