VAN JAPAN. IV. Boek VI. Hoofdst. Lzy
Woordigen Ottona die behalven ’t bestier°ver een der Straaten der Stad , ookVoorzien is met ’t gebied over ons Ey-land Defima. Hy is de eerste in rang na°nzen eersten Tolk, die niet staat onderâe bestelling of ordre van den Ottona.Zyn werk is, zorg te dragen voor alles^at ons aanbelangt, ons Eyland en onzestegeering. Hy heeft ’t opzicht over on-2en Handel, en over de jaarlykfche ver-koping onzer Goederen, te zaamen metde hulp der Tolken, Hy houdt een by-^ondere Lyst van deze Goederen, die aankyzondere Perfoonen toebehooren, wel-ke hy in zyne bewaring neemt, en orderstelt, wanneer en op wat wyie men zichdaar van moet bedienen. Hy geeft achtdat onze Straaten, Huyscn, en andere Ge-houwen wel worden onderhouden , en°?k Zo veel als in zyn macht is, dat zyjVet worden verongelykt door dievenbrandt of andere toevallen. Hy beschermtonze Knechts, Koks, Opzienders overde Keuken,en alle Persoonen die binnen* bereyk van zyn Rechts-Gebied zyn.
beslist de onderlinge ontstaane ver-ichillen tusschen haar. Hy stelt haar aanen neemt hen den Eedt af in haare by-Zondere bedieningen , en zetze weer af,'vanneer hy wil. Hy verleent Paspoor-en on Briefjens om in Defima te komerl,'hrnH ^an niemant toegelaten hetEy-trede sonder 2y â ordre. Uytkrachte van Zyn A mpt, en door. denEedt aan de Regeering gedaan, is hyverplicht naauwkeurig te onderzoekenbet leven en gedrag, niet alleen van on-Zc Dienaars en Amptenaaren, maar ookv an ons zelven, en ons te houden onderee n strikte gehoorzaamheid van de Key-^erlyh G bevelen ; doch hy is zeer omzich-tl g om ons geene bevelen op zyn eigege-Za § op te leggen,wel wetende dat wyhouden weigeren aan dezelve in zullten§ e val te gehoorzamen. Niettemin heeftv Zo veel macht over ons, dat in gevaleeil jge zwaare misdaad word bedreven, of^ Cr, *ge verachting getoont voor de Key-, e dyke bevelen , door ymand van ons,I y denzelven mag in hegtenis nemen, enp 1 hoeyens fluyten , waar van veele enalle dag, voorbeelden zym Onze^S e nwoordige Ottona , gelyk hy zich aanee he 'kant zeer diep ingedrongen heeft^ ^achting en gunst van de Regeering,v °° r Zyne groote gestrengheid in de uyt-rn ° Cl 'kig van zyn Ampt, maar voorna-i erit |yk door ons en ons belang onlangs^ 2e ker geval te hebben verraaden, zov ° r dhy van de andere kant even zo zeerons gehaat. Ik zal my niet onder-J hden om te onderzoeken welke rede-
nen hy had om zyn gedrag in die zaakte rechtvaardigen , schoon men my alsgeloofwaardig verzekert heeft, dat hyzeer groote redenen daar toe heeft gehad.
Zo veel recht moet ik doen aan zyn Per-soon , en bekennen, dat hy zeer grootevoorzichtigheid doed blyken en toont inzyn beleydt en gedrag, dat hy geenzinstot baatzucht of valschheid genegen is,gelyk ook, dat hy een vyand is van on-wetendheid en onbeschoftheid,en zo welervaren in de Zedekunde van Koosi (ofConfutms) en in de Geschiedenis, Wet-ten en Godsdienst van zyn Land, dat hyverzocht is geworden de Historie vanhet, Landschap Fisen te beschryven. Totde uytvoering van zyn Ampt als Ottonaheeft hy de volgende Amptenaaren onderzich ; een Nitzi Jofi of Boode , wienswerk is daagelyks te bezichtigen den staaten veyligheid der flooten aan de water-poorten , naar den staat van onze Pakhuy-scn en andere Gebouwen om te zien, enaan zyn Meester kennis te geven van alwat hy ontstelt vindt ; verscheide Fifittof Klerken , die gehouden zyn Lystente maken van alle tilbaare Goederen be-hoorende aan byzondere Persoonen, vanwelke men zich ontdoen kan, dezelve inden naam van den Ottona te verzegelen,en dezelve in een veylige bewaarplaats testellen. Om nu niet te melden van ver-scheide mindere Bedienden , die altydvaardig staan om zyne bevelen uyt tevoeren. Hy heest het zelfde Jaargeld,door de Nederlandsche Oost-IndischeMaatschappy hem toegelegt, als de eersteTolk heeft, en het zelve aandeel in ’tgeld, dat op ordre, van de Regeering af-gehouden word van de prys onzer Goe-deren , behalven noch verscheide anderevoordeelen, als by voorbeeld, zyn wed-de als Ottona van een andere Straat in deStad, veele giften en geschenken die hemworden gedaan door de Eygenaars opons Eyland , en een groot gedeelte vande jaarlykfche Rente , die wy daar voorbetaalen, hebbende hy alreeds gekochtontrent een derde gedeelte van onze huy-scn. Zyne grootste profyten spruytenuyt de Nederlandsche Goederen, voorhem opgekocht tot een kleine prys op an-dere naamen , en naderhand door hemverkocht voor een Veel hooger prys, danze ingekocht zyn.
Naast aan den Ottona volgen de Defima ÈygenaarsTfijoonin, dat is, onze vierentwintig Huys- van het,heeren , of Eygenaars van ons Eyland. Eyland*Deze bezoeken ons zeer zelden, uytge-Zondeit op den tyd van onze verkoping,wanneer zy dagelyks zich vertonnen, omte zien na den staat onzer huyzen, omGg z tegen-