Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
283
JPEG-Download
 

s

'O

VAN JAPAN.

.^gebonden, ’t Hoofd is bedekt met eestnc t .van kleine doch sterke koordjens,om het zelve, en wel voorslamentlyk deoogen,voor de vliegen die het zelve zeerkstig vallen te beschermen. Dep hals,horst, en andere deelen worden behangentoet kleine bellen. ,

De Zydkosters of Mantelzakken, diealleen gevult zyn'met licht stof, en fom-tyds stechs met stroo, zyn een soort vanvierkante Valisen gemaakt van Paardelee-tor, ontrent van vyf spannen lang, drie°reed en hoog. De deksel is ook vanloeder gemaakt,iets grooter,en zo diep,dat zy aan weerkanten tot aan den bodemtoe hangt. Schoon ze zeer wel tegen dentogen kunnen, worden ze egter tot meertokerheid , in matten opgewonden, entoet sterke touwen rond om dezelve heengebonden, om welke reden , en om date r eenigen tyd toe vereischt word, omto op te pakken, zy zelden ontpakt wor-den, voor dat men ten einde van de reyskomt, en de dingen, die men ’t meestonder weegs nodig heeft, worden be-daart in de Achfskï , (ziet de 21 Tafel,l-i;:.' . :

De Adofshi (Tafel 21. Figuur 9.) isee n klein dun Koffertje of doos ontrenttos spannen lang,een breed,en een diep.Ze heeft, een enkele laadc zeer na vandezelve lengte, Breedte en diepte. Aastde eene zyde is een deurtje of opening,Welke kan gefloten worden , cn waar-door men gemakkelyk by de laade kankomen zonder de Mof ski los te maken.ál wat men dagelyks nodig heeft opton weg, moet hier in wordeh bewaart.Ze diend ook om de twee Mantelzakken°f Zydkoffers vast te houden, waar toetodefs een stok zou vereischt worden.Zy is gemaakt uyt dik sterk gtaauw Pa-stor, en om ze voorts te beschutten te-ton alle toevallen op een lange reys,borden ’er blaauwe koorden nets wyzetoer aardiglyk om heen gebonden.at! í Om den toestel onzer Reyzigers' Cn vollen te hebben , worden ’er noch^toigc andere dingen vereischt, welkewtoeenlyk gebonden worden aan de^toitelzakken. De zodanige zyn.

Pen i ; ist met Semi of Puties , Koopermes een gát in’t midden, zyndejtol gemakkelyker om de rioodzakelyk-^tost op weg te kooperi, dan voor ’t^ ''Vergeld, ’t welk moet gewogen wor-^ n - De geene die te Paard reyzen ,J n ton deze risten achter zich daar zyjetois } Zé Voetgangers dragen ze ini:i pdjens op hun rug.

vt toen Lantaaren van gevernist ch ge-Uv ?e Papier, tnet het Wapen van den

V. Boek. I. Hoöfdst. 283

Eigenaar daar op gefchildert. Dezenword door de te voet gaande Knechtsop hunne schouders) den Reyzigers bypacht voorgedragen. Ze word gebon-den achter een van de Zydkoffers,in eennet of zak, op welke wederom het Wa-pen of Merk van den Eigenaar gefchil-dert is,gelyk doorgaans de Kleederen enalle beweegbaard Goederen-, daar medegetekent zyn, die de Reyzigers van alleRang en Waardigheid op hunne reyzenmet zich voeren.

Een Borstel gemaakt van Paardshaayr,of van zwarte Haaneveercn, om uw Ze-tel. en Kleederen te stoffen. Deze wordachter de zitplaats gehouden meer voor’t oog dan vóór ’t gebruyk.

Een Wateremmer,aan de andere zydevan de zitplaats tegen over de Borstel,of op eenige andere plaats.

Schoenen of Muylen voor Paarden enVoetgangers; Deze zyn gevlochten vanstroo, met touwen,mede van stroo, vandezelve neerhangende., door welke zegebonden worden om der Paardenvoeten,in plaats van onze Europische Hocfyzers,dewelke in dit Land niet gebruykt wor-den. Zy zyn ras afgefleten op steenach-tige gladde Wegen, en men moet dik wilsnieuwe hebben. Om die reden,, nerüende oppassers op onze Paarden,, altyd eepgroot gedeelte met zich, ,aan de Mantel-zakken gebonden ; hoewel ze in .alle Dor-pen te krygen zyn, ja zelfs te koop gc-veylt worden door arme Kinderen dielangs den weg bédelen. Hierom zóu menmogen zeggen, dat ín dit Land meerHoefsmeden, waren , dan , misschien ineenig gedeelte des Waerelds, daar ’ernochtans in der daad geen een is. . < <,,

Ik verzoek verlof hier aan te tekenen, Verícliôâèdat buyten de verschelde tot dus ver ge-' doofdenmelde dingen ,■ welke de Reyzigers ge- Schryvermeenlyk met zích op reys voeren, ik myn mede ge-eige byzonder gebruyk had van een zeer voert *groote Javaanfche. Doos,, welke ik metmy van Batavia had geBracht. In dezedoos had ik bedektelyk een groot ZeeCompas, óm de schikkingen der wegen,

Bergen en Kusten te meten ; maar opent-lyk en vooryders gezigt had ik een Inkt»kooker , cn ik leide gemeenlyk daar inPlanten,Bloemen, en Takjens van Boo-ihen , Welke ik aftekende en Beschreef(ja zelf onder dit voorwendsel al wat mymerkwaardig, voorquam ; ) Dit doende,geíyk ik het vry en onverhinderd deed,daar yder een het zag en wist, zou menmy verkcerdelyk beschuldigt hebben ietste doen., ’t welk nadeelig mocht kunnengeweest zyn aan den Koophandel van;onze Maatschappy in dít Land ? of daarNn 2 dóo.v