Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
284
JPEG-Download
 

Mantel.

-.84 DE BESCHRYVING EN GESCHIEDENIS

door eenige quaade achterdocht gelandenhebben op, ons gedrag van zulken ja-loerfchen en omzichtigen Natie, Vervan daar , ik moet bekennen , dat vanden eersten dag af dat wy op reys gin-gen , tot onze wederkomst tot Nagasaki ,alle de Japanfche Medgezellen op onzereys, en inzonderheid de Bugjo of Op-perbevelhebber , uytsteekend gaarn aanmy zeiden, welke ongemene Planten zyzagen, te gelyk met haare oprechte naa-men, kentekenen en gebruyken , welkezy naarstelyk onderzochten by de In-boorlingen. De japoneesen zyn een zeerredelyk en gevoelig volk, en zelve groo-te Liefhebbers van Planten, zien deKruydkunde aan, als een studie die nutis,en waar in geen arg steekt, dewelkevolgens ’t ingeven zelfs van de reden,en de wet der Natuur , door elk eenbehooi'de voortgezet te worden. Zo veelweet ik door myn eige ondervinding,dat onder alle Natiën die ik gezien, enmet welke ik verkeert heb in myne lang-duurige en verdrietige reyzen, deze hetminste de kennis der Kruydkunde be-gunstigden , die ze ’t meest hadden ht-hooren aan te moedigen. Op mynewederkomst tot Nagasaki , liet TonnemonGeheimfchryver en Eerste Raad van deGouverneurs, eens op Defima zynde,my by hem komen, en deed my door .

daar van geleert hebben te gelyk wetden Naam Kappa van de Portugeefen D eVoetgangers dragen ze in regenachngweer in plaats van rokken van het feb ,estof, als ze reyzen.

Om de hitte der Zon af te weereu»moeten de Reyzigers zyn voorzien vaj 1een grooten hoedt , welke gemaakt lSuyt gefplete Bamboes of van Stroo, zee 1 ’aardig en kunstiglyk gevlochten, op &wyze van, een uytgestrekte Zonnefcheitfl)ze worden onder de kin gebonden m 2tbreede zyde Banden met Katoen gevoest-Ze zyn ■ doorlchynend en uytnemefldlicht, en schoon ze eens door nat zyu»zullen ze echter geen regen doorlaten-De Mannen dragen niet aileen zodanig 2Hoeden op hunne reyzen, maar ook 3cVrouwen in de Steden en Dorpen testallen tyden en in allerley soort van we 2 'der, en het staat haar niet onaangenaam-

Op reys dragen de japoneesen zeelwyde Broeken, naar onderen ipitssmal toeloopende om de beenen te be-dekken, met een fneede aan weerkantenom de eindens van hunne wyde lang 2Tabbaards in te steken , welke hen afl'dersins lastig zouden zyn in ’t gaan en ’ 1ryden. Sommige dragen een klein 2Mantel of Rolt over de Broek. In plaat-jvan Kouslèn binden sommige een breeaEindt om hunne beenen. Gemeen 2

den Hoofd-Tolk Siukobe het volgende j Knechts, voornamcntlyk de Norimon Lu) 1 'Compliment : Dat hy met zeer groot ver- den en Piekdragers , dragen geen Bro 2 'maak gehoort had van Afagina Sindaanostn , j ken in ’t geheel, en om spoediger hunonzen Bugjo , hoe aangenaamelyk ik myn ' werk te doen hegten zy de slippen hufl'tyd doorgebragt , en welken pleyzierige ; ner klederen vast,aan haaren draagband»tydkorting ik genomen had op onzen gevende hun rug en schaamdeelen blo° r

reys in die uytmuntendste en pryswaar-digste studie van de Kruydkunde, waarvan hy Tonnemon zelf, een groot Lief-hebber en Voortzetter, was. Maar ikmoet ook bekennen , dat ik in het be-gin van onze reys vry wat moeite nam,en onderzocht, door welke middelen ikmy zou kunnen verzekeren van devriendschap en hulp van myne medeReysgenooten , door sommige te ver-plichten met een nedrig en onderdaaniggedrag en vaardige bystand, ten aanzienvan Geneesmiddelen, en raad te geven,en andere met geheime belooningen voorde allergeringste diensten en gunsten,welke ik van hen genoot.

Een Reyziger moet niet vergeetenzich te voorzien van een groote Man-tel , tegen ’t regenachtig wëeder. Dezeword gemaakt uyt dubbeld vernist g eo .lydt Papier, en daar en boven zo ruymen wyd , dat ze te gelyk bedekt denMan , ’t Paard , en de Bagagie. Hetschynt dat de Japoneesen het gebruyk

voor een yders gezigt, waar overgeen de minste reden hebben , zegg 20zy, om zich te fchaamen.

De Japoneesen zo Mannen als VroU'wen gaan nooit op reys zonder Waay 2s *gelyk wy Europeaanen zelden doen zoU-dei Handschoenen. Op hunne rey^ 20bedienen zy zich van een Waayer,op de wegen afgetekent zyn, en die h 2aanwyst hoe veele Mylen zy te rey#hebben, welke Herbergen zy mo& e ,aandoen, en hoe veel de prys der Lpvensmiddelen is. In plaats van zw^Waayers gebruyken eenige een R 2 ^Boek, welke hen in menigte doofarme Kinderen langs den weg béd<d 2 jde te koop geveylt worden, ’tden Nederlanders niet toegelaten , \ eminsten niet dat ymand het ziet,dezer Waayers of wegwyzende Bo 2te koopen.

Op deze wyze rusten zich de * tCzigers in dit Land toe , om op ^ ^gaan. Een Japoneefch te Paard °r ^

8