ió'S Inleiding tot de aïgemeene Géographie ,
van het Chatham-Jacht, gedaan : onder 8a Observatien waren 62die minder als twee minuten verscheelden, en 40, daar van ’t ver-schil nog minder als één minuut was ; dog het Instrument moetnaukeurig gemaakt zyn, of men moet een Tafeltje daar by hebben,om de misslagen, zoo in de verdeeling als anders, te zien, en daardoor de gevonden hoogtens te verbeteren ; door een toeval aan ’tSpiegeltje, in het Werktuig, daar een gedeelte van de voorgaandeWaarneemingen door gedaan zyn , zoo vond men , dat het ver-schil was van 1 graad tot 1 graad, 6 min, (x) : om het zelve te ge-bruiken , zoo moet men den Horizont kunnen 'zien ; maar al wasdie niet zigtbaar, zoo heeft de gemelde Heer een Werktuig bedagt,daar men evenwel de hoogte van de Zon, op het Water, tot op3 of 4 minuten na, door zou kunnen vinden (y).
3. Om op geen valsche Coers te zeilen, is ’t noodig, dat mende miswyzing van ’t Compas vind, ’t welk ’t meest gedaan word,door ’t waameemen van de Zons-streek in ’t op en ondergaan, zooveel graaden als de Zon of Sterren, die beneden onzen Zigt-einderkomen, benoorden of bezuiden ’t Oost opgaan, zoo veel graadenmoeten die ook benoorden of bezuiden ’t West ondergaan, als deLigten, in’t op en ondergaan, aan de zelfde zyde, ten opzigt van’t Zuiden of Noorden, maar met onderscheiden graaden gemeetenworden ; de helft van ’t verschil is de miswyzing : maar als de Zonof Ster eenige graaden benoorden ’t Oost opgaat, en naderhand,,volgens de Peiling, bezuiden West ondergaat, of dat die gepeildword , bezuiden ’t Oost op te komen , en benoorden ’t West onderte gaan : in deeze gevallen is de helft van de Zom der graaden ,de Miswyzing ; in ’t eerste heeft men Noordwestering, en in ’tlaatste Noordoostering ; dog als men door een regthoekige klootzeDriehoek uitreekent, waar dat de Zon of Sterren moeten op- ofondergaan, dan kan men,, by helder weêr, ’s morgens of’savonds sals men maar een peiling doet, door een enkelde aftrekking deMiswyzing vinden,
4, Wegens de voortgang van ’t Schip, moet men op een Kaartvan tyd tot tyd die aantekenen, en ’t volgende daar in opmerken :
ï. Die.
(x) Philosopha Transact., Nuro. 425, pag. Z46 & oa-j,
(yj Philosopha Transaft,, Num, 430, pag. 167,