Zon- en Maan-Ecl’tpzen. 109
het begin’s morgens ten n uur, 15min., 31sec-, het midden 27 min., 31sec.na de middag; het end ten 1 uur., 29min., 31 sec.; de grootheid 10 duim,44min.; dog deeze tyd is te iaat : zoo dat het verhaal, van de twee eersteSchryvers , afkomstig zal zyn , uit een Historie, van een Land dat veelWestelykeris.
Omtrent de Pinxter dagen, doe de Zon verduisterde. Baron ., Dtom. 4, pag. 671, ex Plier oniw. Epijiol. 61, ad Pam. Advers Joan. ín ’tjaar^Ascop.
De geheele tyd , tustchen Christus Hemelvaart en Pinxter , wierd in die & ’dagen, ook zelfs van Hieronimus , Pinxter genoemd (/). Calvifius , Ricciolus,nog Scaliger , hebben deeze Eclips niet kunnen vinden. Baronius meende,dat Hieronimus hier van de zelfde Eclips sprak, daar Prqfper en Mareellinus op’t Jaar 393 van verhaalen; maar de tyd van ’t Jaar komt niet overeen. Hie-ronymus heeft de tyd niet naukeurig uit het hoofd geweeten, als uit het woordCirca bly kt. Ik vind in ’t Jaar 395, tustchen Paafch en Pinxter een Zon-Eciips,te weeten, den öden April; (na dat het den 2ssten Maart Paafch geweestwas, en den ichden May de Pinxter inviel) het midden , uit de AardklootsCentrum te zien, volgens de tyd van Romen, ’s morgens ten 6 uur., 9 min.;de Maans Noorder afneemende Breedte 33min., 24sec.; de Zons en Maansplaats, op de tyd van de Zamenstand , in Aries lógr., 26min., 59 sec. ; deMaans Horizontaale Parallaxis 59 min., I2 f ec . ; de Zons halve Diameter16 minuten min een Secunde; de Maans halve Diameter 16min., 7 sec.: hetmidden tot Alexandrien in Egipten, ’s morgens ten 6uuren, 7 min., zyndeomtrent 22 minuten na de Zons opgang; het end ten 7 uur., 9 min.; de groot-heid 9^ duim : tot Berhlehem was de grootte van de Verduistering byna hetzelfde; het midden ’s morgens omtrent ten yi, en 'tend omtrent ten dj uur-deTotaaleenCentraale Verduistering begon met de Zons opgang, op 17gr.’iZ min. Noorder Breedte; 17 gr., 53 min. beoosten Romen, of in Africa’in ’t Landfchap Nubiën; van daar liep ’t middelpunt van de schaduw door ’tmidden van de Roode Zee , door Arabien , en het Zuidoostclyke deel vanPersien , tot door Tartaryen, à.
In ’t 10de Jaar van Keizer Theodosius de Jonge , de iste Indictie, Gdoe FJonorius voor dc 12de, en “Theodojïus de Jonge voor de agtfte- in’t jasrmaal Burgermeesters waren, op een Vrydag, den ipden july, os'E Ch 'Vden 3 4-den Kal. van Augustus, omtrent de 8ste uur van den dag.jSViY^tduifterrie de Zon, zoodanig, dat eenige Sterren gezien wierd en.Bhüojiorg. EcclejuiJ. Histor., lik. 12, cap. Z , Jnterpr. Pi. Fales,
O z pag.
CO Zie Scalig, Emend. Temp., Hb. 7, pag. 697.