78 Vll.Hoosdsi. BESCHRYVING
maken ; ook foudenie noch van veel nuttigheid inde Genees-konst konneniijn, infonderheid om tebevochtigen, Week te maken en te verkoelen, enwat dies meer is. Van het gestadig opwerpen derboven-drijvende Sout-bloemen , en het aantrekkender lichte en kleine met het Water vermengde Sand-jens, en met de hulp des Luchts en der koude om-gelegen Muuren, werd in de hokken der Baden, enop de Plaats van den Uitloop een Stof als Steen ge-vonden, dewelke,so haast alsse by 't Vuur werd ge-Badev- bragt, sijn Soutachtige 8toste verliest, en tot luiverSand. smakeloos Sand word.
Daarom so bedriegen sichdie gene, welke menen,dat men daar door sich lichtelijk een Steenachtig On-gemak soude konnen op den hals halen : Want desekleine Sand-karlcjens fíjn gants swak en krachteloos -,ook konnense dus gesteld onse Lever niet doordrin-gen , gelijk als wy wel van andere gemengde Minera-len hebben gesegt.
Koude en Ook so moet men sich alhier ten hoogsten verwon-warme deren, dat door weinig Gronds of Aarde, en door
^nZlast een kleine tu sien-wijdte,onderscheide Beken nevens\ P malkande- een lopen,waar van d’eeneWarm, d’anderKoud is,ren. so men klaarlijk siet en bevind als men langs de Beekna de Weiden gaat; doch somen verder gaat, is dier-gelijk niet te vinden.
Sterke en Dese Bad-Waters vlieten so hoops-wijs, dat deáMe Water-Sprongen te samen dikker sijn als een Man omse™ a irJe-ü jn Midden: Sy konnen wel een Groten Vijver vol-ren. Jen. Ook so werd’er een na welgevallen in tamelijkegrootte aangevuld, welke, als men wil, niet kan be-vriefen; de Vis groeid daar in dtibbeld; dat is, eens
so