Militairen in de Guarnisoenen van den Staat &c. 187
Nu doet zi g nog een vraag voor, omtrent het geven vangetuigeniffe der waarheid, en of tot het prsesteren vaii dien,de Militairen voor den Burgerlyken.Rigter kunnen geciteerdworden, ende daar toe voor dezelve gehouden zyn te com*pareeren ? Wanneer Ik ten dezen, de Rioomsche Regten raad-plege, schynd het my toe, dat men deze Vrage met neenmoet beantwoorden, en brengen my daar toe de L. 8. D. detejlìb. en de L. 3. h. 6. D. eod. en is van dit zelve gevoelenLeyser. in méditation, adpandett. vol. 2. specim. 75. §.12.in corollar . alwaar dit zyne woorden zyn ; Miles invitastestimonium dicere cogìtur : Mec obflat L. 8, de iestib ♦ Eaenim fie interpretanda est , ut militent testimonii dìcendì cau-sa a signis vel muneribus avocare non liceat. Quod fi ergoexamen ejus in Judicio Militari instituitur , detrellare idnon potefl ♦ arg. L. 3. h. 6. de testib. In voegen dat een Mili-tair niet voor den Burgerlyken, maar voor den MilitairenRigter tot het geven van kondschap der waarheid moet ge-conveniëert worden, en daar toe aanzoek gedaan by dencommanderenden Officier van het Guarnisoen, en aldus isde practycq ende dagelyksc usance.
Ik zoude alhier nog wel eenige meerdere Vragen kunnenproponeren , en die na behoren tragten te beantwoorden,vreesde Ik niet, dat het Boekdeel te groot zoude worden,dus Ik het hier by zal laten verblyven, ende alleen nog maaraantonen, wat delicten ofte santen ter straffe aan eenKrygs-raad, en welke aan de Collonellen, ofte de Officieren die deRegimenten commanderen, staan, wienaangaande de Mili-tairen een klare Wet en Voorschrift hebben, in het bekendeReglement over de Proceduren in Zaken van geringe impor-tantie van den 24 February 1687. * alwaar Zyn Hoogheidaldus omtrent dit poinct statueert :
Aa 2 A R«
* Te vinden onder de stukken agter j Krygsraad , Jub Littera C.
M/v onderrigt , over bet houden van 1