Band 
Tweede deel.
JPEG-Download
 

294 Weer ft and

lx. Les. Bewegingen met elkander vergelijken : want ze zijn vooreerst gelijk deVierkanten der Snelheden, ten anderen gelijk de Diktens der Vloei-stoffen , ten derden in een omgekeerde Reden der Middellijnen van dielighamen, en laatstelijk in een omgekeerde Reden der Digtheden vande lighamen zelf.

De getalen in de Reden, samengesteld uit deze Redens, drukkende Evenredigheid der Vertragingen uit, wanneer men liet Vierkantvan de Snelheid vcrmeenigvuldigt door de Dikte van de Vloeistof, ende Uitkomst verdeelt door de Uitkomst van de Middellijn van 't lig-haam vermeenigvuldigd zijnde door deszelfs Digtheid. Wanneer mendus werkt voor verscheiden Bewegingen, zullen de Hoeveelstens derVerdeelingen altijd dezelfde samengestelde Reden tot elkander heb-ben.

Deze Vertragingen konnen ook met elkander vergeleken wordendoor vergelijking van den Weerstand met de Zwaarte. Het is be-toogd, dat de Weerstand van een Rol, die in den Streek van harenAs beweegt ( die evengroot is als de Weerstand van een Bol van de-zelfde Middellijn) evengelijk is aan het gewigt van een Rol, bestaan-de uit die Vloeistof, waardoor het lighaam beweegt, en welker Voet-steun evengroot is , als de Voetsteun van het lighaam , en welkerhoogte evengelijk is aan de helst van de hoogte, waarvan een lighaam,in het Lugtledige vallende, de Snelheid zou verkrijgen, waarmee de

f emelde Rol in de Vloeistof wordt bewogen. Uit de gegeven Snel-eid van het bewogen lighaam wordt de hoogte van de vloeistoffelijkeRol gevonden, als mede het gewigt van dezelve uit de bekende ibort-ondericheidende Zwaarte van de Vloeistof en Middellijn van ’t lig-haam. Laat bij voorbeeld een Bal van 3 Duim Middellijn in Waterbewegen met die Snelheid, waarmee hij 16 Voet in een Sekunde zoudoorloopen. Uit het gezegde wegens vallende lighamen en Slingersblijkt, gelijk men ook uit Proeven, met Slingers genomen, gevondenheeft, dat dit de Snelheid is, die een lighaam verkrijgt in het vallenvan een hoogte van vier Voet. Derhalve is het gewigt van een Rolvan Water van drie Duim Middellijn en twee Voet hoog, dat is,een gewigt van ontrent zes Pond, evengelijk aan den Weerstand vanden gemelden Bal.

Indien de Weerstand , dus ontdekt zijnde , verdeeld wordt door’t gewigt van ’t lighaam, liet welk deszelfs Hoeveelheid van Stof be-paalt,