Band 
Tweede deel.
JPEG-Download
 

z86 Hugrometers.

X. Les. land Weerbuisjes genoemd worden , waar in beeldjes van een man-netje en een vroutje op de enden van den Wijzer staan , worden opdit Grondbeginsel gemaakt : want de Wijzer , die aan een draad , of

f edraaiden kattendarm hangt , gaat voorwaarts en agterwaarts ,rengende in vogtig Weer het mannetje , en in droog Weer het wijfjenaar buiten . N°. z. Dewijl een draad niet alleen in elkander draait,

maar ook korter wordt in vogtig Weer, zal de Hugrometer zigtbaar-der werken, wanneer men gebruik maakt van een langen draad, uitzijn Hang-punt op en neer geleid over vier of vijf Katrolletjes, eneen gewigt, dat van onderen tot een breede plaat uitloopt, en vooreen Wijzer dient, om door zijn rijzen en zakken de Graden op eenPi- Schaal, die 'er bij hangt aan te wijzen. H (Plaat XXXV. Fig. 8.)' m à haak aan den zolder, P, p, p, p zijn de Katrolletjes, I is hetgewigt en de Wijzer, S is de Schaal. N 8 . 4.. Een Baard van wildenHaver, in droog Weer in elkander drajende, en in vogtig Weer losdrajende, kan op verscheiden wijzen een gewaarwordelijke Hugrome-ter maken. We zullen 'er-hier éénemanier van beschrijven. ABCDF& p. ( Plaat XXXV. Fig. 9. ) is een vierkante geelkoperen plaat, ontrentvier Duim in 'tVierkant met een ring, of Cirkel daarop, op het platen aan den binnenkant in Graden verdeeld. IC is een zeer ligtWijzertje van geel Koper of Staal met een schijfje van Koper of„Staal in zijn Middelpunt, waar in de top van den Baard van wil-den Haver met een pennetje vast gestoken wordt, terwijl het onder-end steekt in een ander schijfje ontrent een Duim onder de plaat ,waar in onder C een gaatje is, waar door de Baard steekt om denWijzer te dra jen, en zelf op zijne plaats te blijven, zonder het in el-kander drajen. en ontdrajen te belemmeren. Daar zijn twee stukjesIjzerdraad, die onder het midden van -de Plaat naar beneden gaan,en waar aan een dwers staafje vastgemaakt is, met elkander een stel-linkje makende, waar op het schijfje rust, om het onderend van denBaard voor de Lugt blootgesteld te houden. De vier voetjes vandit Instrument, waar van 'er twee gezien worden in C en D, moe-ten ontrent vijf Kwartier Duim lang wezen, opdat het stellinkje on-der de plaat niet zou raken aan datgene, waar op het gezet wordt.Tig. 10. AB (Plaat XXXV. Fig. 10.) verbeeldt de plaat, F en F tweevan hare voetjes, C en D de schijfjes, waar in de Baard van den wil-den Haver CD vastgemaakt is ; ef ey gh de neerhangende Ijzer-draad-