VAN JAPAN.
Icndeccne groote geldsotnmc. Alle Eers-telen worden verdeelt inzcsl,gelyk zy zenoemen, dat is range of soorten. De ty-tel voor deze eerste Clajse is, Dai Seo DatSin. De Persoon die met dezen tytel ver-eert word , word zo groot en heiliggeacht, dat men gelooft dat zyne ziel ophet oogenblik van haare verhuyzing uithet Lichaam een Carni of Godt word.Om deze reden houd de Mikaddo dievoor zich zelf, en geeft ze zeer zeldenaan ymant. De waardigheid van Quan-buktt behoort insgelyks mede tot dezeeerste soort. . Qnanbuktt , is de tweedePersoon van het Geestlyk Hof, en On-derkoning van den Dam , en eersteStaats dienaar in alle zaaken die het Rykaangaan. ( Dezen Tytel Word aangenomendoor den waereldlyke Keyzer , of gegeven aanden bekenden Erfgenaam der Kroon, en hevenzo veel , als Quabacondono, van welken naammen dikwils melding vindt in de brieven der Je-suiten.) De drie volgende Eeretytels be-horen tot den tweeden I, of rang, SaDai Sin , U Dai Sin , en Nat Dai Sin ,deze worden nooit aan meer dan aandrie Persoonen van ’t Hof gegeven. DeDai Nagon , en Tsunagon maken de derdeClaffe uyt, en deze twee Eeretytels zynaltoos gehecht aan zekere ampten. De ty-tels van de vierde en vyfde I. rang ofClasse , zyn Seonagon , ijitmagon Tfiufeo ,Seosjo , en Sidfiu. Beide deze Clasièn zynzeer ulryk, en weder onderverdeelt inverseheide versehillende rangen. _ DePersoonen van dezen rang worden ookgenoemt Tenßo A ito, dat is Hemelfch Volk ,en ’t geheele Geestelyke Hof in ’t ge-meen voert den tytel van Kuge, ’t welkzo veel betekent als Geestelyke Heeren ,en zulks by wegë van onderscheidingvan de Gege, onder welken naam zy be-grypen, alle de leeken en minder loortvan volk, die van zulken heyligen endeftigen afkomst niet zyn. De Eerty-telert van de zesde en laatste Claflè zynTai U , Goi , en veele andere van weinigbelang.Alle benaamingen en Eertytelen,welke zy ook mogen zyn, worden, ge-lyk ik reeds gezegt heb', door den Mi-kaddo , en wel door hem alleen, verge-ven. Toen de waereldlyke Monarchende regeering van het Ryk aanveerden,behield de Dairi voor zich zelf, te gelykmet het Oppergezag, dezen aanmerkely-ken en gewigtigen tak van de Keyzerlykevoorrechten. Hierom moeten alle Eer-tytelen , welke de waereldlyke Monar-chen voornemens zyn aan haare gunste-lingen of eerste Staats Dienaars optedra-gen verkregen worden van de Mikaddo.Daar izyn voomamclyk twee tytels,wcl-
II. Koek II. HooFdst. 109
ke de waereldlyke Keyzer met toestem-ming van den Dairi kan opdragen aaiizyne eerste Dienaars van Staat, en aan desrinslèn van ’t Ryk : deze zyn Maquan-dairó , . en Carni. De eerste was voor-maals Èrstèlyk, en betekent zo veel alsHartog of Graaf. De tweede betekentRidder. Men moet hier aanmerken, dathet merkteken, ’t welk beduit een ver-goude ziele, ook word uytgesproken Ca-mi . maar dan is het van een aardt, t’ee-nemaal verschillende van die, dewelkeden tytel en eere van Ridderschap bete-kent. Alle de Goden en Afgoden van hetLand irt het algemeen voeren dén naamen merkteken van Cam't.
Onder alle andere telteneü van onder-scheiding, worden de persoonen van dit uGeestelyk Hof onderkent uyt eene by-Zondere manier van kleeding, aan henalleen eigen en hemels breedte verschil-lende van de kleederen der waereldlyken,welke zy versmaden en verachten, alszynde van een geringe onheylige opvoe-ding. Ja zelfs is ’er zulken verschil on-der hen zelven, in hunne kleeding , datmen uyt dezelve alleen gemakkelykkennen kan van wat rartg, zy zyn, ofwelk ampt zy aan ’t Hof bekleeden. Zydraage lange wvde broeken,est een bree-de mantel of tabbaart over dezelve heen,welke zeer wyd en op eene zonderlingewyze gemaakt is, voornamelyk ontrentde schouders, met een lange sleep, wel-ke over de grond nasleept- Zy dekkenhunne hoofden met een zwarte verlaktemuts, uyt welkers maaksel ert gedaante,nevens andere onderscheidistgs tekenen,men zien kan, yan welke waardigheidzy zyn, of welke ampten zy aan ’t Hofhebben. Sommige hebben een breedertband van zwart krip of zyde op haaremutsen gestikt, welke of omgewondenis of langs de schouders afhangt. An-dere hebben een soort van een Lap , ge-maakt op de wys van een waayer voorhaare oogen uitstaande. Sommige draa-gen een soort van een Scherp, of van eenbreed lint, ’t welk Voorwaards van deschouders afhangt. De lengte van de-zen Scherp is wederom onderscheiden,sta een ’s yders waardigheid of ampt;want het is de gewoonte vast dit Hof,dat niemant zich laager buygt, dan dathet einde van zyne Scherp aan de vloerraakt. Der vrouwen kleeding aan hetHof van den Dairi is ook zeer zonder-ling en verschillend van die der waereld-lyke vrouwen ; maar inzonderheid detwaalf wyven vast den Dairi zyn ge-kleed in zo veele kostelyke kleederen,niet gevoedert, geweven met Gou-O? de