HISTORIE VAN JAPAN. 46z
I V.
Verhaal van de Moxa , een üytmuntend Brandmiddel der Chineesenen Japoneesen , benevens eene schets, aantoonende welkegedeeltens van het menschelyk Lichaam met dezeplant in verscheide ziektens moeten wordengebrandt.
Inleyding.
I N A[ïa zyn drie Helicons , dié van deArabieren , Brahminen en Chineeien.alle natiën, die dat groote uytgestrekteLand bewoonen, het welk reikt van Eu-ropa tot aan de uytterste Einden van hetOosten, eri tot aan onze Tegenvoeters,hebben alle dc kunsten en wetenschappenonder haar bloeyende , afstammende vandeze drieivoornaame zetels der Oosterlchezang Godinnen. Ik zal my voor het te-genwoordige niet ver uytlaten , wydlo-pig verschelde dingen te beschryven, dieik anderzins zoude kunnen bybrengen totstaaving van myn gezegde,my zelvenal-leen bepaalende tot het geen myn eigeberoep aangaat. Het is het allerminsteniet te verwonderen, dat zo veele volke-ren , en deze zo wyd en breedt verschil-lende in haai en Godsdienst, gewoontens,Taal, en in den eigen aardt zelf van hetKlimaat dat zy bewoonen, ook verschel-de grondbegintzelen zouden hebben in deHeelkunst, verscheidene geneesmiddelen,verscheidene voorschriften , en manierenvan Geneesing. De verschelde Helicons ,die de geboorte gegeven hebben aan allede Oostersche geleerdheid , geven daarvan haar blykelyke getuygenis. In zover evenwel ziet men dat ze over eenstemmen, dat hen gevraagt wordendehun gevoelen omtrent de oorzaaken derziektens, Zy zo dikwils hun toevluchtnemen tot de winden en dampen , datzy schynen'ïn navolging van onzen groo-ten Hippocrates in zyn boek van de IVinden ,dezelve aan te zien als de algemeene oor-zaaken van byna alle ziektens, die hetmenschelyk lichaam aandoen, en welvoornamentlyk de geene, die met pynaankomen. Op ditbegintzel steunt haaremanier van geneesing, en ’t menigvuldiggebruyk van brandmiddelen, welke zyLeggen dat de krachtdadigste hulpmidde-len zyn, om allcrley zoorten van windenen dampen te verciryven en uyt te voe-ren. Maar dan is het waarlyk by hen eengroote vraag, welke soort van brandmid-delen ’t bequaamite is, om dit oogmerkte bereyken, het zy door ’t vuur,
of door ’t gloeyend yzer ? Om de zaam-gevoegde macht van Vulcantis, en Marsof van kooien en staal t’zamen op’smen-schen lichaam te beproeven, schatten zyte zyn eene wreedheid, niet alleen onno-dig in zich zelf, en van geen nut, maarten eeriemaal onbetamelyk voor een rede-1 yk Geneesheer, die kan, en behoort geenander oogmerk te hebben met de aanbren-ging van het brandmiddel, dan om detaaye lymige stof, die de oorzaak is vande pyn en ziekte, van een te scheiden, omdus naderhand plaats te maken , dat zezich kan ontlasten. Hier van is het, dat zymeer overhellen tot een langzame en zach-te branding, en, met een woord * zoda-nige brandmiddelen zullen voortrekken,die bequaam gevonden zyn uyt krachtevan haare openende zouten, de verstop-pingen te openen en te ontbinden, en deoorzaak der ziektens uyt te haaien, in derdaad langzaam, dochveylig, dat zeg ik,zy dezelve zullen voortrekken voor allede wreede toestellingen van andere geweldiger brandmiddelen, die door haarescherpen en brandende koper-rood-achti-ge en snydende hoedanigheid,elendiglykinvreeten en de deelen,op welke zyge-legt worden vernielen. Het is om dezel-ve redenen, dat de oude ^Egyptische,Grieksche en Arabische Geneesheeren,aan welke wy Europeanen verschuldigtzyn de uytvinding” en veele verbeteringenin de Geneeskunst, verkoren in het werkte .stellen en op te leggen brandende kam-pernoeljens, of de vuurige wortels vanStrutbium en Aristolochia , veel liever dande gloeyende yzers. Dat sommige anderegebruykten heete gesmolte zwavel; an-dere weer styltjens van palm , in bran-dend heete oly gedoopt, en op het aan-gedane deel gelegt. Doch het is myntegenwoordig oogmerk niet om op te tel-len alle de verscheidene brandmiddelen byi de oude Geeneesheeren in gebruyk. Diej lust heeft zich hier in verder te onderrich-ten kan onder de hedendaagschc schry ver?nazien Mercatus vierde boek , eersteJmfdstuk ,162 bladzyde , of M. A. Severinus. Myn
voor-