48o AANHANGSEL VAN DE
aan Vreemdelingen, en inzonderheid Ne-derlanders ) waar op zyne Lyfwachtenhem op de volgende wyze aanspraken:Sire, zyden zy , wy willen U Per joonniet langer bewaak en , indien Gy ons geenoorlof geeft om uwe eer en achting te wree-ken. Niets dan des Boosdtenders bloed zaldeze vlak afWaffchcn : Gebiedt en ü>y zul-len het hoofd van dien fhooden af hauwen ,of hem levendig voor U hier brengen , opdat gy hem firaffe zo als het u goeddunkt ,en hy 't verdiends. Zeven van ons zyndaar toe genoeg. Noch het gevaar van deZee , noch de sterkte van zyn Kasteel , nochhet getal van zyne Wachten zullen hembehoeden voor onzen toorn , zy zyn Nan-bani , wy van eene Geddelyke afstamming ,Nifonsin, dat is Japoneestn , of in denletterlyken zin , Inwvoners van de Onder-hemelfche Waereld. Zy hielden niet afvoor dat hen verlof gegeven wierd. Deonderneming was waarlyk stout , maarmet geen mindér voorzichtigheid aange-legt, dan met moedt en gevolg uytge-voert. Na eene voorspoedige reys qua-men zy behouden op Formoja , en byden Gouverneur ter Gehoor toegelatenZyndc, trokken zy te gelyk hunnezwaarden, namen hem gevangen , enbrachten hem dus naar hun vaartuyg, ophet midden van den dag , in het gezichtVan zyne Wachten en Huysgenooten,durvende niemant zich verroeren tot zy-ne bescherming, noch hem trachten teontzetten uyt de macht zyner stoutmoe-dige geleyders, die met hunne getrokke-ne zabels hem dreigden op het ogenblikonder de voet te steeken, indien slechtsde minste tegenstand geboden wierd.Wraakgic- - Het is met te denken , dat moedt enrig. besluyt zouden ontbreeken by een Volk,daar liefde zo wel als haat , achting zowel als versmading, overgehandreikt zyntot de laatste Nakomelinglchap, daar ge-ledene hoon en verongelykingen aange-trokken worden door de navolgende ge-slachten, daar de onderlinge vyandfehap-pen zelden ophouden, dan met de doodcn volkome ondergang van een der bcydcPartyen. De onderlinge twisten en vei-dccltheden van de Fekt en Gendji Ge-slachten, om den Throon, die Japan ge-wikkelt hebben in langdurige en wreedebinnenlandfche Oorlogen , zyn een on-Jangs doch droevig bewys zo van wraak-gierigheid en eeuwigdurigheid van arg-waan, als van de vyandichap in de ge-moederen der Japoneelèn. Daar was•niets dat voldoen kon aan de overwin-nende Gendji Party, dan de volkomeuytroejing van het doorluchtig HuysderFek?s, r van welke slechts zeer .weinige
eenen wreeden dood ontsnapten, die omfchuyl plaats te vinden, vluchteden naar deontoegankelyke Bergen van de ProvintieBongo , daar zy niet lang geleden ontdektwierden, woonende in gaten en spelon-ken , onwetende van hun doorluchtigegeboorte en afkomst, byna ten eenemaalberooft van zinnen en menfchelykheid,en meer gelykende na Satyrs , dan namenfehen.
Japan is door de Natuur zelf zo wel be- , 0nwin *sehermt, dat het noch veel minder te bMr ‘vreelèn heeft voor een buytenlandfchenvyand. Zeer zelden is het aangetast ge-worden; en nooit met vrucht. Dezedappere en onoverwinbare Natie heeftnooit aan andere bevelen gehoorlaamt,dan aan die van haar eige Vorsten. On-der de Regeering van Kvsan Muu, om-trent duvzend jaaren geleden , wierdengeheele Legioenen gelyk als uytgeworpenop de Japanfche Kusten , door dien Af-grond van Groot Tartaryen (gelyk het deGrieken met recht noemen , van wegendesselfs groote uytgestrelctheid Soti rST«§Ttf'pï, en niet na een Rivier, zo alszommige meenen.) De aanval was zofchielyk en onverwagt, dat de vyandenpost vatteden, in het Land, en dat de Ja-poneden het - zeer moeyelyk bevondenom zich van hen te ontslaan. Wantschoon zy door veele hervatte schermut-selingen, in welke zy het veeltyds hetquaadst hadden , zeer laag gebracht wa-ren en verminderden , zo wierden zydoch van tyd tot tyd door verIche Troe-pen uyt Tartaryen overgezonden ver-sterkt , en in staat gestelt om zich vyftienjaaren in het Land te handhaaven, totaan het jaar Christi 799. wanneer de hulpen macht der Befcherm-Goden van hetLand en de kracht en moedt der Japan-sche Benden te gelyk zamenspanden, omhaar geheellyk uyt te roeyen en onder tebrengen. Want men vind aangetekentin de Japanfche Jaar - boeken , datQuan Non of jQuanivoni , die veel handigeBriareus van het Land , en een dergrootste Goden , in eene stormachtigenacht met zyne menigvuldige handen(zinnebeelden van zyne macht) der vyan-den vloot deed zinken, dat op den vol- ,'genden dag Tamaramar , Generaal der Ja-poneesen, door de Goden uytgekipt totde heerlyke verlossing van zyn Landt,de vyanden aantastte (zo verhaald enverflagen als zy waren, zonder de minstevooruytzicht van een goed geluk, enzelfs zonder hoop van te kunnen te rugtrekken) en zulken volkomen overwin-ning behaalde,dat’er geen een overbleef,om aan zyne Landslieden het droevig- nieuws