25
Nu eenmaal de verklaring gegeven is, is het niet moei-jelijk den weg, dien Huygens insloeg om haar te toetsen,ook voor den niet-sterrekundigen lezer duidelijk te maken.Men behoeft daartoe slechts het oog te slaan op PI. I, fig.2 , welke eene kopij van de oorspronkelijke van Huygensis. Daarin is G de zon, E de aarde, F haar loopbaan.De verschillende standen van Salurnus in zijn loopbaan zijnaangeduid in A, J, L enz. Nu is het klaarblijkelijk, dateen waarnemer, in E geplaatst, den ring op zeer verschil-lende wijzen zien zal , al naar gelang hij dezen meer van descherpe of van de vlakke zijde ziel. Achtereenvolgens zalde ring zich aan hem moeten vertoonen in gedaanten, on-geveer als die der figuurtjes, welke in den buitensten kringgeplaatst zijn. Slechts tweemaal gedurende haar omlooprondom de zon zal de planeet een ronde schijf schijnen,de eerste maal namelijk wanneer zij zich in S bevindt,waarbij de smalle kant van den zeer dunnen ring naarde aardbewoners is toegekeerd, de andere maal wanneerzijn vlak door de zon gaat, d. i. wanneer de planeet in Dstaat, want dan zal niet zijn vlak, maar alleen de zeersmalle buitenrand verlicht zijn. Daar nu de loop van Sa-turnus rondom de zon ongeveer negen-en-twintig en eenhalf jaar duurt, zoo zal telkens na omstreeks vijftien jarende ring onziglbaar worden, tenzij voor buitengewoon sterkekijkers van den tegenwoordigen lijd, die er nog een spoorvan doen herkennen. Huygens zag den ring in Januarij1656 geheel verdwijnen en voorspelde nu, dat hetzelfde in1671 weder zoude plaats grijpen. Hij smaakte dan ook devoldoening, dat zijne voorspelling bewaarheid werd 20 ).Trouwens die bevestiging was niet noodig om aan zijneverklaring der verschijnselen , welke Saturnus aanbiedt , al-