24
gemeenen ingang te verschaffen. Slechts één persoon ofliever twee personen, die de handen ineen sloegen, dedeneene vergeefsche poging om haar te bestrijden en er eeneandere voor in plaats te geven. Zij waren Eustachius deDivinis en de jesuil Honoratus Fabri, die beweerden, datde aarde stilstond in het midden van het heelal en dat omSaturnus, behalve de door Huygens ontdekte maan, die zichbezwaarlijk liet weg redeneren , nog vier andere ligchamenwentelden, namelijk twee lichtende en twee donkere bollen.Het viel Huygens niet moeijelijk hunne schier belagchelijkeredeneringen te wederleggen , hetgeen hij op eene allezinswaardige wijze in een afzonderlijk geschrift deed, dat hij,in den vorm van een brief aan den reeds genoemden prinsLeopold, in het licht gaf.
In het Systema Saturnium vindt men ook nog de mede-deeling van verscheidene andere sterrekundige waarnemingen ,welke Huygens in dien tijd deed. Hij rigtte zijnen kijkerook naar de planeten Venus, Mars en Jupiter en teekendede verschijnselen op, welke deze aanboden. Hij was deeerste, die de draaijing van Mars om zijne as ontdekte enden duur daarvan bepaalde 21 ). Doch merkwaardig bovenalis zijne ontdekking der nevelvlek van Orion. Het was toenvoor de eerste maal, dat een blik geslagen werd in dieoneindig ver verwijderde streken van het heelal, welke zelfsvoor de volkomensle kijkers van den tegenwoordigen tijdniet geheel bereikbaar zijn. Eindelijk vinden wij nog indatzelfde geschrift de eerste beschrijving van eenen oculair-mikrometer 22 ), waarvan de vinding, hoe eenvoudig ook,toch vernuftig moet genoemd worden.
In het brandpunt van het oogglas werd namelijk een ring-vormig diaphragma geplaatst, door welks rand het gezigts-