tl O
DE BESCHRYVÏNG EN GESCHIEDENIS
Land te bevreedigen, toen Tcnsio Dai Sinzich uyt mïsnoegtheid en verbolgentheidverborg in een Spelonk,en daar door dewaereld beroofde van het Licht en van deZonne. De twaalfde dag der negende,of geboorte maand van Suwa , insgelykshem geheyligt, word voornamentlykgeviert met openbaare Spelen en Ver-tooningen. De Perloonen die den dienstin de Tempels van Suiva verrichten,worden genoemt Nege , ibmtyds ook,doch verkeerdelyk, Kuge , behorende de-ze T ytel alleen aan ’t Heylig Hof vanden Geestelyken Erf-Keyzer. Zy zyngelyk alle andere Sinsjo , of Bedienaarsvan de Tempels van de Sin , dat is ,Lands- Goden, niet Geestelyke , maarWaereldlyke en getrouwde Perloonen,hoewel zy ter zelver tyd zich van we-gen hun eerwaardig Beroep en Bedie-ning , een veel hooger trap van heylig-heid en achting aanmatigen, dan zy oor-cjeelcn dat het gemeen gros van waereld-lykc menschen toekomt. Zy woonenmetKunne huysgezinnen in huyfen voorhen gebouwt in ’t afhangen van den ge-melden Berg , niet ver van ’t Hof desTempels. Hun gedrag van leven, ge-lyk ook hunne gcwoonlyke manier vankleeding zo in als buyten ’t Land ver-schillen op geenerley wyze van die derandere inwoonders, uytgezondert alleen,dat zy hunne hoofden niet fcheeren, maarde haayren laten groeyen, en dezelveaphter ’t hoofd toebinden : als zy na denTempel gaan, klecden zy zich in eengeestelyk gewaadt,met verschelde hoofd-optooyfelen, na yders Ampt en Staat.Zy bestaan uyt de Aalmoeisen en de Of-ferhanden , die hen worden gegeven doorde Inwoonders, by haare verschyning inde plechtige Omgangen van de Matfuri(van welke hier na breeder) en op ande-re tyden, wanneer zy by den Tempelkomen aan te bidden. De ryke liedendoen hen byzondere geschenken, daagste vooren voor het groote Feest van Su--xa , 5 t welk is op den eersten dag dernegende maand, en dit voor een byzon-der Mufyk,om buyten gewoonte gehou-den te worden tot pl eyzier van de Beel-den of Afgoden. Twee der Ottomfs zynaangestelt tot der zelver onderzoekers,uyt yder gedeelte van de Stad een, voorwelke bediening zy een jaargeld trekkenuyt ’t Lands Schatkist. Zy worden ge-holpen door twee andere Leden van haarMaatfchappy , die haar by beurten elkvoor een jaar oppassen, doch deze wor-den daar voor niet betaalt. Hun werkis, om den Tempel en deszelfs Gebou-wen te herstellen wanneer ’er iets aan
ontbreekt, zorg te dragen voor ’t onder-houdt van de Nege , gelyk ook om toete zien, dat de Matfuri Spelen, en an-dere openbaare Vrcugdebeuryven ter ee-ren van dezen Godt verricht wordenmet die pracht en heerlykheid , welkemen oordeelt, dat met zyne Grootheidovereenkomt. De omgangen van dezeW aereldlyke Geestelykheid, want zo ishet in der daad , gedaan ter eeren vandezen grooren Beschermer van Nagasakiworden verricht in de volgende prachten order, (i.) Twee Hand -Paarden ,half uytgehongert, en in allen deelen zóschraal en mager, als dat, waar op dePatriarch van Moscou op Paint - Zondaggaat zitten , wanneer hy na de Hoofd-Kerk rydt. (x.) Verschelde Geestelykewaaren, en teeltenen van eeren, als byhunne voorouders in gebruyk waren,en noch in gebruyk zyn aan ’t Geestenlyk Hof te iv'Jiaco. Deze zyn by voor-beeld een korte breede Speer geheel ver-gok , een paar Schoenen , merkwaardigom derzelver grootte, en lomp maaksel,een grooten Bondel van wit papier ge-bonden aan het einde van een korte stok,als een merkteken van het Geestelyk ge-bied. (5.) Holle banken, om de Mikofiop te zetten. Deze worden omgekeertgedragen op dat de menschen hunneliefdegiften in dezelve kunnen goyen,ten welken einde ook twee Arbeydersworden gehuuit, om een groote eflzwaare Armkist om te dragen. (4.) DeMikofi zelf, zynde achtkantige kisten»byna al te groot om door een menfehgedragen te worden , verlakt, en kontstiglyk opgepronkt met vergulde hoe-ken , mctale lpiegels, schoon en glad ge-polyst, en onder andere verciersclen eenvergulde kraan boven op. (y.) Tweekleine boute Stoelen , of Palankins , ietsverschillende in fatsoen van een Norittiofaen gelyk die, dewelke gebruykt wordenaan ’t Hof van den Geestelyken Frf-Keyzer. In deze worden gedragen &twee Overstens , Superieuren , van denTempel. (6.) Twee andere Hand-Ps^»den, met al haar optooyselen, toebeho 0 'rende aan de twee gemelde Superieur^'en al zo mager en schoon als de tv/ eCaan ’t begin van den Omdragt. (7.) &Geestelykheid gezaamentiylc ,■ in go^ordre te voet gaande, in een groote b £ 'tamelykheid. (8.) De Inwoonders efl ^gemeene Volk van Nagasaki , in de $'twoonlykewanordre den treyn fluytefl^Na dat de Geestelykheid aan ’t Hof ^den Tempel is gekomen, met de ddsfkisten en andere verciersclen , efl ^plaatsen voor haar geschikt, inaeflof
hebt**'