344 DE BESCHRYVING EN GESCHIEDENIS
wy à de Boeren het Land ploegdenmet zwarte Ossen , die onnofek beestenicheenen , doch gezegt worden by uyt-stek wel te werken. •
Verrichtin- Aanstonds na onze aankomst totgen te M'uico gingen onze Tolken naar het PaleysMiaco ' van den Opperrechter Matjandairo InataCami , schoon toen alwesig , als medenaar de Huyscn van de twee Gouverneursder Stad Ojude Awa Cami , Majoda AkonoCami , om hen te verwittigen van onzekomste in de Stad, en om hen te ver-zoeken onze gewoonlyke Geschenkenaan te.nemen.
Op Donderdag den 2.9 February, zon-den wy vroeg m den morgen de Ge-Gehoorby schenken aan den voornoemden Opper-den Op- Rechter, en aan de Stadsvoogden vantc Miaco' 1 ^ laco naar kunne Paleyscn, en wy lietendie volgens de gewoonte van het Land,leggen op byzondere kleine DennehouteTafels, die tot geen andere dienst, dantot dezen, gebruykt worden. W y volg-den kort daar aan omtrent ten tien uu-ren ’s voormiddags, wordende gedragenin CangcPs. Hunne Paleyscn waren aande Westzyde van de Stad , tegen overhet Kasteel van den Geestelyken Erf-Keyzer. Ons wierd bevolen uyt deCangcPs te stappen omtrent vyftig treden,eer wy quamen aan het Paleys van denOpperrechter,om uyt eerbied voor zyneuytmuntende waardigheid het overigevan den weg te voet te gaan, als medeom te wachten aan de Poort, daar dewacht gehouden word,tot dat kundschapIcon gegeven zyn van onze komste. Ditgeschied zynde wierden wy begeleyd door’t Plein van 't Hof, breed twintig treden,in de Zaal of Voorkamer van ’t Huys,welke word genoemt Ban , of Hoofd-wacht , en is de vergaderplaats van zeerveele Klerken , Opzichters en Huysbe-waarders. Hier vonden wy twintig vanZyne Officieren en Dienaaren op een ryzittende, van daar wierden wy begeleyddoof twee andere Kamers in een derde,daar men ons verzocht te willen zitten.Kort daar na trad daar binnen de Hóf-meester van den Rechter, een oud Heerdie ruym zestig jaaren oud scheen. Hywas gekleed in een graauw of aschverwi-ge Staatsmantcl, deze zettede zich om-trent vier treden van ons af, om in zyn’sMeesters naam beide onze begroettingenen geschenken te ontsangen, welke laat-ste mede in dezelve kamer op een orden-telylce ordre , bestaande in een EnghalsdeFles Wyn Tint, met twintig stukkenuytlandsche Zyde , Wolle , en Linne-Stoffen. De Rentmeester ons op eenzeer beleefde wyze bedankt hebbende
voor onze Geschenken, wierden 'er Ta-bak en Pypen met al zyn toebehooreningebracht om te roolcen, en aan eestyder van ons wierd door een Lalcey eenkop Thee aangeboden, tot drie verschei-dereyzen,om welke te drinken de Rent-meester en de Heeren die toen in de Ka-mer waren, ons sterk aanporden. Om-trent een vierde van een uur daar geble-ven zynde, namen wy ons afscheid, enwierden door den Hofmeester zelf uyt-geleyd tot aan de deur van deze Kamer,en van daar door andere Officieren totaan de poort. Dit eerste bezoek verbyzynde, gingen wy van daar te voet naarhet Paleys van den regeerenden Stads-voogd , die eerst onlangs van jedo wasaangekomen, en zo als ons gezegt wierddoor zyne twee Geheymschryvers, dieby deze gelegentheid de plechtigheden re-geeren , niet volkomentlyk onderrechtwas van de Ceremoniën en Costumer, diewaargenomen moeten worden om deNederlanders te'ontsangen. Aan de poortstonden eenigeZoldaaten op schildwacht,en in de Ban of Zaale vonden wy bynavyftig menschen , behalven eenige jon-gens zindelyk gekleed, alle in goede or-dre zittende. Door deze Zaal wierdenwy geleyd in een Zyd-Kamer , alwaarwy vrindelyk wierden ontsangen doorde bovengemeldeGeheymschryvers, bey-de bejaarde luyden,en onthaalt met Thee,Zuylcer en Pankei, onder herhaalde verze-keringen , dat wy in ’t kort zouden toe-gelaten worden ter gehoor van denStadsvoogd. Een rond half uur in dezekamer gewacht hebbende, wierden wygeleyd ineene andere, alwaar na een kor-te wyl de luykenvan twee traalyvenstersschielyk openipriftgende wy recht overons den Gouverneur zagen zitten inhet naaste vertrek veertien treden vanons af. Hy droeg , gelyk ’t gebruyke-lyk is, een plecht - gewaad over zynezwarte kleeding. Hy scheen omtrentZesendertig jaaren oudt, van een sterk enlevendig gestel van Lichaam , toonendein zyn gelaat en gantsche gedrag zeervees trotsheid en grootsheid. Hy sprakons aan met een luyde stem, zeggende,dat wy waren aangekomen in zeer goed wé'der , V welk was Meditch, Meditch, dat, ter zeer goeder uure. Na een kortemondgesprek verzochten wy, dat ’t hemgelieven mocht onze geringe geschenkenaan te nemen , bestaande in twaalf stuk-ken stof, op de bovenverhaalde wyze op,een Tafel leggende. Hier op boog hyzich een weinig om ons te bedankenopryzende , wierden de luyken van ^
twee tralyvensters aanstonds op
ïduch-