Buch 
De beschryving van Japan : behelsende een verhaal van den ouden en tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, van deszelfs tempels, paleysen, kasteelen en andere gebouwen; van deszelfs metalen, mineralen, boomen, planten, dieren, vogelen en visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Geestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van de oorfpronkelyke afstamming, Godsdiensten, gewoonten en handwerkselen der inboorlingen, en van hunnen koophandel met de Nederlanders en de Chineesen. Benevens eene beschryving van het Koningryk Siam / In 't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kæmpfer, ... ; in het Engelsch overgezet, door J.G. Scheuchzer ... ; Voorzien met kunstige kopere platen, onder het opzicht van den ridder Hans Sloane uytgegeven
Seite
385
JPEG-Download
 

VAN JAP A N \

m alwaar de Gouverneur onder groot.cschyn van vrindelykheid zyn afscheidvan hem nam, hem daar beneven zeg-gende, dat hy hem hoopte tc zien tot Na ■ga saki. En dus vertrokken wv van hetHof, zonder onze achting te bewonenaan de twee Gemachtigden , en quamenomtrent ten een uuren des namiddags terug in onze Herberg. Terwylen wy irtde vertrekkamer wachteden, traden 'erverschelde Amptenaareri van ’t Hof, eride Zoonen van sommige Prinslên van ’tRyk binnen om ons te zien. Onder an-deren was daar by de kleinzoon van denPrins van Facatta, die schoon hy blindwas aan ’t eene oog, niet te min bevelvan den Keyzer had aan ’t Hof te bly-ven , onder andere jonge Heeren vanzyn rang, om geene andere reden, danom als Pandtsman te dienen voor zynGrootvaders getrouwigheid. Sommigevan deze vraagden naar den naam van denKapitein, en onder anderen was ’er een ,die dezelve reeds had opgeichreven,dochdit wierd zo ras verklikt, dat op dat eigeoogenbl ik bevel gezonden wierd van SinoCami , dat onze naamen aan niemant zou-den worden gezegt. ,

Voor ons vertrek van’tHofj wierden

. Boek. XII. Höofdst.

voor af gedragen dertig tabbaarden, op den Keyzerdrie tafelen gelegt, als een geschenk van en andereden Keyzer. Des namiddags zondert P er! " oonen ’sommige Heeren, welke wy bezocht,enmede beschonken hadden , ook hunnegeschenken, te weten, (i) Noji Ifemono tGouverneur van Jedo , twee zwarte tab-baards. {%)Tulotamafyro een van de Raads-heeren van staat tien. ( 3 ) 7 futjia Saga-mijama insgelyks tien. ( 4 ) Fodioawunasa-ma , de andere Gouverneur van Jedo ,twee. (y) Kaganni K. S. en (6) Bongo-sama , yder tien.

Op den vierden wierden wy met nochieenige tabbaarden begiftigt, namentlykmet drie, door yder der Gevolmachtig-den, en met zes, door yder der buytengewoone Raaden van staat. AÍ ons werktot Jeclo wss dezen dag ten een uure,volkome verricht.

Op den vierden April, hield de Key-zer het middagmaal by Bengo , om welkereden de poorten van het Kasteel gestotenwierden, ’t welk eene gewoonte is, doorden Keyzer by deze gelegentheden, inacht genomen, waar over veele menschenzich verwonderen, waarom dit geschiedenmag:

XIII. HOOFDSTUK.

Onze te rug reys van Jèdo naar Nagasaki , en wat op dezelve

gebeurde .

O P den vyfderi van Grasmaand,Om-trent ten acht uuren des morgens,begaven wy ons op reys nâar Nagasaki.Wy waren omtrent twee uuren door Je-do en deslelfsvodrstédengereeden, en zei-den deze groette en volkfykè Stád , toenvaar wel. De Laridluyden zagen'wy toenbezig met de ryst akkers om te delven;zy stonden tót aan de kuyt in de modderen in ’t -water. Aan den inkomst vanverscheide dorpen vondert wy plankjens jmet letters, aan hooge Bambous paaienopgerecht, te kennen gevende, dat nie-mant zich zoude onderwinden inde her-bergen van die plaats te gaan , wegenshet aannaderen van eënen der Prinslênvan het Ryk, die alle oogenblik ver-wacht wierd, zo dat dezelve allé zoudenopgepropt worden door zyn treyn. Degerechtsplaats naby Sinagavavetbyryàtn-de, merkten wy dat ’er ter dien tyd zulkeen ergerlyken gezicht niet Was, dan te

vooren» van half verrotte rompen van terdood gebrachte perfóonen , met menigtevan roofdieren, oppassende, óm dezelvete verslinden. Maar wy vonden eensmenschen Hoofd op de grond leggendeomtrent anderhalve myl van. die plaats,daar wy meenden dien nacht te slaapen ;wy ontmoeteden ook verscheide zieke Is jepelgrims langs dert weg. W y fpysdentot Cav)afâki t c n quamen een weinig voorden avond met mottig én regenachtigweder in onze Herberg tot Tot ska. HetLand hier omtrent is zeer vruchtbaar, ietsbergachtig ,' en eindigt met een langevooruytsteekende hoek in de zee of Golfvan Jedo.

Op den zesden reeden wy uyt omtrenteen uur na ’t aanbreeken van den dag in re-genachtig weder. ’sOchtens ontmoete-den wy verscheide van de voortroepen ,of voorloopers, en de grove bagagie vanden Prins van Kynokmi , dragende hetC cc Key-