4 1 '
DE BESCHRYVÍNG EN GESCHIEDENIS
Gehoor byden Op-perrech-ter vanMiaco.
menschén , gaande en komende naar enván die plaats. Van hier tot Miaco is ee-ne aaneengeschakelde reeks van heuvelsen bergen, die noch verder buyten díestad voortloopen. De voorsteden van Jo-do doorgetrokken en gereeden zyndeovereene brug ondersteunt door twintighou-te boogen, quanten wy in de stad zelf,dewelke regelier en wel gebouwt is, eneen zeer goed Kasteel meteenwatermoo-len aan de rivierkant heeft. Aan de an-dere zyde van de stad quanten wy aan ee-ne andere voorstad , met een vermaardeBenfaiten Tempel, en van daar tot Fitft-mi , toen een Inari Tempel verbyryden-de daar eene gvoote menigte van Volkswas, zynde het een heylige dag , qua-nten wy des avonds in onze herberg totMiaco, welke niet ver legt van een Son-guntz Tempel, van de Sekte Siuclosju."Dezen avond onze aankomst bekent ge-maakt hebbende aan den Opperrechtertot Miaco , en aan de twee Stadsvoogden,wierden wy.
Op den negentienden Maart, ’s mor-gens ten tienuuren ter gehoor geleidt. Eer-stelyk begaven wy ons naar het paleysvanden Opperrechter. Omtrent twintigtreden eer wy daar quamen, stapten wyuyt de Cangos , zynde een groot pleyn voor't paleys, ’t welk wy overgingen tuf-ichen een ry van twintig zoldaten metlange stokken gewapent, welke zy uyt-hielden, en yder met twee zabels. By ’tinkomen van ’t paleys was ’er eene ande-re wacht van zes zoldaten aan de linker-hand in een klein vertrek, door welk wygingen naar de groote wachtkamer, alwaarwy vonden meer dan veertig Officierenen gemeerie Zoldaten , benevens tweeichryvers, alle zittende op eene behoor-lyke order. Van daar wierden wy bege-leydt in de Voorkamer, alwaar wy onscplichtpleging afleyden by den Hofmees-ter, en hem zeiden, dat op reys zyndenaar K ubofiva , wy niet hadden kunnen na-laten volgens de gewoonte, van onze ach-ting en sterbied voor zyn Heer en Meest
antwoord, dat de Opper Reehter zeerblyde was over onze komst, dat hy on-ze geschenken zoude aannemen, en onsop staande voet gehoor verkenen. Hierop wierden de geschenken door zyne huys-genoten gebracht in de Gehoor-Zaal, enop behoorlyke ordre gerangeert. Wyvolgden kort daar aan, en wierden ver-zocht neer te zitten in het midden van degemelde Zaal, tegen over een ander ver-trek , ’t welk open gemaakt was door hetwegnemen der schutten. Midkrwyl ver-scheenen de Mevrouwen in eene kamernaast die, en ons eenigen tyd bezien heb-bende door de traalyen en vensters, ver-dwenen zy weder, waar op de venstersvan de kamer, in welke zy waran ge-weest , open gedaan wierden , om hetlicht van dien kant in te laten. Op dateige oogenblik trad de Opperrechter inde kamer. Hy ging zeer recht overeind,en zette zich op twee en een halve matvan ons af, doch zonder zich tebuygen-.Toen hiette hy ons welkoom, en zeide,dat hy zeer blyde was over onze behou-de aankomst en goede gezondheid, enschoon weder ; het welk aan ons vertolktzynde, bedankten wy hem, en zeiden dereden van onze komst, en verzochtendat hy ons gering geschenk wilde aanne-men, en ons de nodige paspoorten ver-kenen. Hy antwoorde, dat onze geschen-ken hem zeer aangenaam waren, en dathy zoude beveelen dat onze paspoorten teneersten opgemaakt wierden. Hier op on-dervraagde hy onzemâmen en ouderdom,en by scheen zeer nieuwsgierig en gene-gen om zich in een verder en byzondergeiprek met ons in te laten, indien hetniet was geweest om de laage en kleinestem van onzen eersten Tolk, die zich be-zwaarlyk kon doen verstaan, noch by denOpperrechter,noch by destelfs Hofmees-ter, die zeer naby hem zat. Dit gehoorging toe met zeer goede order en geschikt-heid, wanneer ’er een sprak, zweegenalle de andere. De Opperrechter zatrecht op, maar wy en onze tolk in een
ster, te betuygen,uyt den naamvanon- nedrige gestalte onze hoofden byna ter
Ze Meesters op 'Jaccatra, en om hem metbetamesyke gehoorzaamheid aan te bie-den eene kleine erkentenis van hun op-recht gevoelen en dankbaarheid voor zy-ne goede diensten, bestaande in een ge-schenk van IVyn Tint,en eenige stukkenstof, welke gereed lagen in de grooteWachtkamer, op bequaame tafels , g c -lyk het ’t gebruyk is in dit Land. Hier
arde toe buygende. Zyn Hofmeesterons genodigt hebbende om ’t middagmaaldaar te nemen, ging uyt, en wy wier-den kort daar na begeleydt uyt de gehoor-zaal in de Voorkamer, alwaar ons wierdvoorgezet Tabak , en een dubbeld slagvan pypen en andere nodige werktuigenom te rooken, alle van een aardig en keur-lyk maaksel • ook wierd ons voorgediend
ge-
op wierden de geschenken noch cens on- Thee, gelyk voor ’t gehoor was _derzocht door onzen eersten Tolk, en schiedt, met twee groote schotels met vy-na eenige tyd gesleten te hebben in on- gen, banket, en andere eetbaars dingen,tlerlinge pligtbetuygingen wierd ons ge- : op verlakte borden gelegt, volgens de
gewoon-