met Bolletjes, enz. 255
kragt zooveel poging doet , om het Water te beletten liooger in ix.het Stiftje op te rijzen , als het gewigt van den Dampkring hetdaarin poogt te drijven ; en zonder het rijzen of zakken van ’t Wa-ter in dit Stiftje, kan het Bolletje zijne foortondersclieidende Zwaar-te niet veranderen , of zwaarder, of ligter worden. Integendeelwanneer men het Bolletje neerstoot, wordt de hoogte van het Wa-ter , van A af te rekenen, gevoegd bij de Persing van den Damp-kring, die, dus zwaarder wegende, de Lugt in’t Bolletje samen moetpersen, en in kleiner plaats doen wijken, hetwelk ze niet doen kan,zonder meer Water in te laten , ’twelk het Bolletje naar Evenre-digheid zwaarder maakt. Wanneer het Bolletje is in LL, wordt’erdoor de bijgevoegde Persing van de hoogte van Water A C in hetStiftje Water opgeheven tot de hoogte van r, bij voorbeeld 3 Duim,en dan is het Bolletje van dezelfde foortondersclieidende Zwaarte,als Water , en het blijft op die plaats. Wanneer het Bolletje watlager wordt gestooten, rijft het Water hooger in ’t Stiftje, omdat deLugt in ’t Bolletje meer inwijkt, naardat ze meer geperst worde. HetBolletje, nu zwaarder geworden zijnde, dan Water, zakt naar be-neden , en het Water rijst liooger in ’t Stiftje, en doet het Bolletjein gewigt toenemen, naar mate de hoogte of diepte van ’t Water in’tGlas grooter worde’, totdat het Water in ’t Bolletje zelf kome, ge-lijk te zien is op den bodem in D. Indien men onderstelt, dat het.Glas twee Voet hoog is, is de Lugt in het Bolletje in D T V gedeelteverdikt ; maar ze kan zig niet herstellen tot dezelfde Spanning [ Te-nor ] als de buiten Lugt, omdat de buiten Lugt tegen dezelve werktmet een bijgevoegde Persing van een Water-kolom van twee Voethoog, terwijl het Bolletje blijft in D; maar indien men het Bolletjeligt tot C, zet de Lugt, die ’er in is, zigzelve zoodanig uit, datze maar ? v gedeelte dikker zij , dan de buiten Lugt, en maakt daneen Evenwigt met de buiten Lugt, welker Persing nu maar geholpenwordt door ééne Voet Water. In deze Uitzetting nu van de Lugtvan ’t Bolletje wordt het Water, dat ’er in is , uitgedreven , totdathet in ’t Stiftje kome toi. r, in welk geval het Bolletje met zijn Water,van hetzelfde gewigt zijnde, als een evengroot Volumen van Water,op zijne plaats blijft. Indien de Persing tegen de Lugt in ’t Bol-letje nog meer vermindert door vermindering van de hoogte van ’t.Water AC, welke hoogte de bijgevoegde Persing gaf aan den Damp-kring,