286 Weer fl and
ix. Les. vertraagd. De tweede oorzaak is de Inertia , of de Werkeloosheidvan Stof, die tot alle lighamen behoort, hetwelk de reden is, dat 'er
een
99
99
99
99
99
99
93
99
99
99
99
99
39
99
.99
99
39
99
39
39
99
99
99
39
39
93
39
39
99
99
39
99
33
39
39
39
99
93
33
39
„ 76. Dewijl het waarschijnlijk is, datde gematigdheid van de Lugt, wanneerde Proef wordt genomen , warmer ofkouder zijn zal, dan die van de zee opeen groote diepte , zal het raadzaamwezen het Werktuig met een Lijn toteen goede diepte te laten zakken, endaar eenigen tijd te laten blijven, tot-dat de Lugt, die ’er in is , ondersteldmag worden rot dezelfde gemadgheidte komen met het Zeewater. Dan moethet Werktuig zoo ver boven het Wa-ter opgehaald worden , dat de Lugt;vrijelijk in of uit den Bol en de Buis!gaan kan , naardat de ingesloten Lugt!uitgezet of samengedrongen zal wezen. IDan moet men het Werktuig aanstonds!los laten, om neer te vallen tot denjgrond van de zee, ’twelk het doen zal |door middel van een Zink-gcwigt of|Ballast, hetwelk op de volgende wijsdaar aan vast gemaakt moet worden.
„ 17. Het Zink gewigt moet door mid-del van een Pal-haak op zulk een wijsaan ’tWerktuig vast gemaakt worden,dat, zoohaast het gewigt op den grondvan de zee kome, de Pal doormiddelvan een Veer haren haak los late, waar-door de Boei vrijheid zal hebben, omhet Werktuig naar boven te voeren.
„ 78. Het Zink-gewigt moet van zulkeen zwaarte wezen, dat het maar evengenoegzaam zij, om het Werktuig in'teerst te doen zinken : want terwijlhet Werktuig daalt, wordt het gedurigfoortonderscheidenlijk zwaarder doorde Verdikking van de Lugt, die ’er inis, waardoor deszelfs Beweging ver-sneld wordt, gelijk ook geschiedt dooi-de onophoudelijke Werking van Zwaar-te -kragt op ’t Werktuig. Indien der-halve deze Zwaarte - kragt veel grooterwas, dan de tegenstrijdige Tegenstand
,, van de Boei, zou het Werktuig met„ zulk een Kragt op den grond van de,, zee stooten, dat het gevaar zou Ioopen,, van breken.
„ ip. Het zou derhalve raadzaam zijn,, eerst de Boei te laten zakken met eenig„ gewigt, dat van dezelfde zwaarte was,,, als het Werktuig, met een ijzeren roe*„ de tussen het Werktuig en de Boei,,, om uit het buigen, of niet buigen, van,, de Roede te gissen , met welke Graad„ van Kragt het op den grond van de zee,, zou stooten. Indien die Kragt te groot„ werd bevonden, zou ik gelooven, dat,, het raadzaam was een stok vast te ma*,, ken tussen het Werktuig en ’tZink-ge-,, wigt van zulk een Graad van sterkte ,,, dat hij breken zou, eer hij Weerstand,, genoeg gaf, om het Werktuig te kwet*,, len. Dit zou de Kragt tegen den grond,, grootelijks breken. Daar zal eenig zand,, of aarde van den grond van de zee op-,, gebragt worden , gelijk in de gewone,, Peiling met vet aan het onder-end van,, 't Dieplood.
,, 20. Het is ook raadzaam een nette„ aanteekening te houden van den tijd„ van het onder Water blijven van ’c,, Werktuig, hetwelk gedaan kan worden,, met een Uurwerk, dat Sekunden wijst,,, of met een Sekunden - slinger , die ne-„ gen en dertig en een vijfde Duim lang,, moet zijn van het midden van ’t Ge-„ wigtje tot het boven-end van denSlin-„ ger.
„ 21. Dr. Hook (zie Lowtborp’s Abrid-„ gemene of thePhilofoph. Transact. Vol.,, II. pag. 258) heeft op de Proef onder-,, vonden, dat een looden Bal van twee,, Pond gewigt, vastgemaakt aan een hou-,, ten Bal van hetzelfde gewigt, en bei-„ de neergelaten op 14 Vadem diepte.